ROOSTERINSTUCTIES
1. Plaats het voedsel op het draadrek en schuif deze in de middelste plaatpositie.
2. Draai de temperatuurknop naar de gewenste instelling.
3. Draai de ovenfunctieknop naar . Draai de timerknop naar de gewenste kooktijd.
4. Wanneer u klaar bent met roosteren, kunt u de ovenfunctieknop naar stand “UIT” draaien.
Opmerking: wanneer het apparaat werkzaam is, zullen de bovenste en onderste verwarmingselementen
beide werken. Dit is geschikt voor het roosteren van brood, cakejes, bevroren wafels, pizza, enz.
Referentietabel voor tijd/temperatuur
Alle kooktijden zijn gebaseerd op vlees op koelkasttemperatuur. Bevroren vlees kan een aanzienlijk
langere kooktijd vereisen. Gebruik van een vleesthermometer is daarom sterk aangeraden.
OPMERKING:
Als u wilt dat de oven blijft werken, kunt u de timerknop naar de stand “Ingeschakeld blijven” draaien,
selecteer vervolgens de verwarmingfunctie en de gewenste temperatuur. De oven zal nu blijven werken
totdat u deze uitschakelt.
TIPS
1. Het is raadzaam het voedsel met aluminiumfolie in te wikkelen om brandgevaar te voorkomen.
2. Smeer voedsel naar wens in met saus of olie.
Opgelet: Ben altijd uiterst voorzichtig wanneer u de bakplaat, het draadrek of een willekeurige container
uit een hete oven haalt. Gebruik altijd ovenwanten wanneer u hete voorwerpen uit de oven haalt.
Opmerking: Het gewicht van het voedsel geplaatst op de Bakplaat of het Grillrooster mag nooit 1,5 kg
overschrijden. Zorg er bovendien ook voor het voedsel gelijkverdeeld op de Bakplaat of het Grillrooster te
plaatsen.
Het indicatielampje geeft alleen aan of het apparaat wel of niet is ingeschakeld, dit lampje schakelt niet
uit zodra de gewenste temperatuur is bereikt.
REINIGING
1. Haal de stekker uit het stopcontact.
2. Laat het apparaat afkoelen.
3. Gebruik een zachte en/of droge doek om het apparaat te reinigen. DOMPEL HET APPARAAT NIET
ONDER IN WATER.
4. Reinig de deur en de binnenwanden met water en een droge doek. Gebruik geen agressieve
schoonmaakmiddelen.
5. Alle accessoires (rooster, bakblik) kunnen met water en zeep worden gereinigd.
6. Veeg de buitenwanden af met een vochtige doek.