19
• Ditapparaatdientnooittewordengebruiktdoordebestuurdervanhetvoertuigendientnooittijdenshet
rijdenontoereikendbevestigdinhetvoertuigtewordenachtergelaten.
• Als dit apparaat in uw voertuig wordt gebruikt, zorg er altijd voor dat deze veilig vast zit en geen
veiligheidsapparatuurbelemmerd
zoalsairbagsenveiligheidsgordels.
• Allepassagiersdienenveiligheidsgordelstegebruikenwanneerditapparaatwordtgebruiktineenbewegend
voertuig.
• Neemingevalvantwijfelcontactopmetuwvoertuigfabrikantvoormeeradvies.