EasyManua.ls Logo

Master CT 50 P - Page 42

Master CT 50 P
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
NL
1
CT 50 P
Voordat u het toestel begint te installeren en te
gebruiken, dient u de aanbevelingen in deze
gebruiksaanwijzing te lezen en toe te passen, een veilige en
correcte werking van de verwarmer zal garanderen.
Nationale en locale regels en normen betreffende
installatie en gebruik dienen te worden nageleefd.
Het is raadzaam om om de keuze van de grootte en
montage van de verwarmer over te laten aan een bevoegd
installatiebedrijf en de ontvangst van de installatie aan een
prfessionele schoorsteenveger.
De verwarmer voldoet aan de vereisten van de ON –
EN 13240: 2008-norm Verwarmers van Interieuren op
Vaste Brandstoffen. Eisen en Onderzoeken,
geharmoniseerd met EU-Directief Bouwproducten
(89/106/EG)
Overeenkomstig met de verdeling volgens PN EN
13240 : 2008 wordt de verwarmer tot de categorie “1A” van
toestellen gerekend, manueel te laden, vrijstaand met
gesloten branddeurtjes. Het is een toestel van periodieke
verbranding.
De luchtverwamer is bestemd om lucht te verwarmer in niet-
bewoonbare ruimtes als basis of aanvullende bron van
warmte. Het gebruiksbereik van de warmte verzekert de
verwarming van ruimtes met oppervlakte tot 300m². bij
verbranding met brandhout.
De luchtverwarmer met de basisafmetingen en de
constructiebeschrijving kunt u zien op tekening 1.
De verwarmer bestaat uit staal gelaste constructiecorpora
van de verbrandingskamer (1) en de wisselaar (2), met
schroeven aan elkaar verbonden. Op één van de zijden van
de wisselaar is het ventilatorsysteem gemonteerd (3) die de
luchtstroom genereert. Het corpus van de
verbrandingskamer bestaat uit twee delen: deel voor
verbranding en deel voor assen. Het deel van verbranding
bestaat uit vuurvaste chamotte isolatie (4). Op één van de
wanden is er een vultrechterdie gesloten kan worden met
deurtjes (5), die vulling van de verbrandingskamer mogelijk
maakt. In het benedendeel van de verbrandingskamer is er
een gietijzeren rooster (6) die de verbrandingskamer van de
askamer scheidt. In de askamer is er een schuifbare asbak
van buiten geplaatst (7) om as en verbrandingsafval te
verzamelen.
De nodige lucht voor verbranding wordt voorzien door
de askamer bij zijn onvolledige invoeging en door de kier
tussen de frontale wand van de opvulling en het
benedendeel van de deurtjes. In het benedendeel van het
corpus van de varbrandingskamer bevinden zich de benen
(11) van het toestel.
Beschrijving voor tek. 1.
1-Corpus van de verbrandingskamer, 2-Corpus van de
wisselaar, 3-Ventilatorsysteem, 4-Isolatie, 5-Deurtjes, 6-
Rooster, 7-Asbak, 8-Schoorsteen (gasuitlaat), 9-
Montageflens, 10-Netsnoer met stekker, 11-Benen
(steunen).
1
ALGEMENE VEREISTEN
2
BESCHRIJVING VAN DE VERWARMER
WAARSCHUWING: Voor verbranding kunnen uitsluitend
vaste brandstoffen vermeld in het tabel toegepast
worden. Het is verboden afval, brandstoffen van
onbekende afkomst, ongepaste/niet toegelaten
brandstoffen en vloeibare brandstoffen te verbranden.Het
is verboden om in de verbrandingskamer alle andere
voorwerpen of substanties te plaatsen die tot ongeval of
brand kunnen leiden.
Tekeningen 1. Luchtverwarmer constructiebeschrijving.
Voordat u de verwarmer monteert, dient u de vereisten
van deze gebruiksaanwijzing en de nationale en lokale
vereisten te kennen.
Toepassing van de bovenvermelde vereisten tijdens de
installatie en gebruik van de verwarmer garandeert het
verkrijgen van de vereiste warmteparameters en een lange,
veilige en defectloze werking.
Het is raadzaam om de installtieontwikkeling en de
montage te laten uitvoeren door een bevoegde
installatiebedrijf, die in overeenkomst met de
schoorsteenveger en de deskundige voor brandbeveiliging,
met bevestiging van de vereisten van deze
gebruiksaanwijzing, een schriftelijke beoordeling zullen
geven op het gebied van:
isolatie en draagvermogen van de basis in de buurt van de
verwarmerbehuizing,
vereisten betreffende de verwarmer en de ventilatie van de
ruimte, waarin de installatie voorzien wordt,
vereisten betreffende de installatie van de gasafvoer
(schoorsteen).
Bij de montage van de verwarmer, dienen de vereisten
van de geldende regels te worden nageleefd, maar de
schoorsteenveger of de deskundige voor brandbeveiliging
kan de bovenvermelde bepalingen wijzigen of aanvullen.
PLAATSING
Plaats het toestel op een gelijke, stabiele en brandvrije
basis met voldoende draagvermogen voor verplaatsing van
zijn last (volgens tabel 1). IN geval van onvoldoende
draagvermogen van de basis dienen er gepaste
handelingen (bv. Gebruik van platen om de last te
verspreiden) worden uitgevoerd om het vereiste
draagvermogen te verkrijgen.
De CT50P-verwarmer kan uitsluitend tot een individuele
schoorsteen worden aangesloten.
De schoorsteen van de verwarmer dient tot de uitlaatsnoer
worden aangesloten zodat er dichtheid verzekerd wordt.
3
VEREISTEN BETREFFENDE DE MONTAGE

Related product manuals