35
n
Sorteren
Bij deze functie, die altijd actief is, wordt het eerste
bankbiljet vastgelegd als referentie. Als het apparaat
een daarvan afwijkend bankbiljet detecteert, stopt het
apparaat. De weergave krijgt een rode achtergrond en
op het display verschijnt
d. Het afwijkende bankbiljet
kan worden uitgesorteerd.
Of het uitgesorteerde bankbiljet wel of niet moet worden
meegeteld, kan worden vastgelegd in de instellingen
(zie Instellingen).
Instellingen
De gevoeligheid van de sensoren en andere parame
ters kunnen worden gewijzigd via de instellingen.
Æ Druk op de toets SET en houd hem enkele seconden
ingedrukt totdat het geluidssignaal stopt.
Ê Op het display verschijnen
d05 en C5100.
d05 is de huidige waarde van de geheugenlocatie
C5100. Met de pijltoetsen kan de waarde worden ge
wijzigd.
Æ Druk nogmaals op de toets SET.
Ê De volgende geheugenlocatie en zijn waarde
worden weergegeven.
Door te drukken op de toets SET bij de laatste ge
heugenlocatie verlaat de instelfunctie.