1/
VOORSTELLING VAN DE OVEN
1.De
urvergrendeling
2.Kijkvenster
3.Draaia
s
4.Draa
iring
5.Draaiplateau
6.Bedieningspaneel
7.Golfgeleider
xPlaats het draaiplateau nooit ondersteboven. Belemmer nooit het draaiplateau.
xGebruik altijd het draaiplateau en de draairing tijdens het kookproces
.
xPl
aats het voedsel en de houders altijd op het draaiplateau
.
xA
ls het draaiplateau of de draairing gebroken of gebarsten is, gebruik uw magnetron niet langer en neem contact op met
een erkend servicecentrum.
INSTALLATIE
VOORBEREIDING
Verwijder alle verpakkingsmateriaal en accessoires. Controleer de oven op eventuele schade zoals deuken of een gebroken
deur. Gebruik de magnetronoven niet als deze beschadigd is.
Kast: Verwijder de beschermfolie van de buitenkant van de magnetronoven.
Verwijder de lichtbruine Mica-bekleding die zich in de binnenruimte bevindt niet, deze beschermt namelijk de
magnetron.
Positie
x Kies een effen oppervlak met voldoende open ruimte voor de ventilatie.
x P
laats de magnetronoven op een oppervlak met een hoogte van meer dan 85 cm boven de vloer.
x Een minimale vrije ruimte van 20 cm aan weerskanten van de oven is vereist.
x Een minimale vrije ruimte van 30 cm boven het bovenvlak van de oven is vereis
t.
x Haa
l de voeten aan de onderkant van de oven niet af.
x Het belemmeren van de ventilatieopeningen kan de oven beschadigen.
x Plaats de oven zo ver mogelijk uit de buurt van radio's en TV's
.
x D
e werking van een magnetronoven kan uw radio- of TV-ontvangst verstoren.
x Steek de stekker van uw oven in een standaard geaard stopcontact. Zorg dat de spanning en de frequentie dezelfde zijn al
s
d
e spanning en de frequentie vermeld op het typeplaatje.
x WAARSCHUWING: Installeer de oven niet boven een fornuis of ander warmteproducerend apparaat. Als het apparaat
vlakbij of boven een warmtebron wordt geplaatst, kan de oven worden beschadigd.
29