125 NL/BE
Opmerking: verander de standplaats van het weerstation niet tijdens de ontvangst
van het radiografische signaal. Anders kan dit tot ontvangststoringen leiden.
Weerstation met de buitensensor en het DCF-signaal verbinden:
Na het verwijderen van de isolatiestrook tussen de batterijen zoekt het weerstation
contact met de buitensensor. Dit kan enkele minuten duren. Het
-symbool knippert
enkele minuten lang. Bij een succesvolle verbinding met de buitensensor wordt op
het LC-Display het symbool voor het gekozen kanaal
27
met het kanaal van de bui-
tensensor weergegeven (wijzig eventueel het kanaal van de buitensensor volgens
het hoofdstuk “Kanaal instellen”). Als er geen automatische verbinding tot stand
kan komen, kunt u dit op de volgende manier handmatig doen:
1. Druk op de kanaal-knop (CH)
37
. Het symbool van het geselecteerde
kanaal
27
knippert op het LC-display.
2. Druk vervolgens op de RESET-toets
43
van de buitensensor.
Wanneer een verbinding van het weerstation met de buitensensor tot stand gebracht is,
ontvangt het weerstation automatisch het DCF-signaal. Dit proces duurt enkele minuten
en wordt op het LC-Display weergegeven door middel van de knipperende radiomast
5
.
Bij een succesvolle ontvangst van het DCF-signaal wordt de radiomast constant op
het LC-display weergegeven. Wanneer bij de ingebruikname geen synchronisatie
met de atoomklok mogelijk is, dan kunt u de tijd ook handmatig instellen (zie “12- / 24-
uur formaat / °C / °F / hPa / inHg / Tijdzone / Tijd / Datum / Taal handmatig instellen“).