36 37
NL
Gebruiksaanwijzing
Weergave van de batterijstatus
Batterij vervange
Massagemodus
Aan/uit-schuifknop
Power-knop
Drukindicator
Oplaadstatus
USB-C aansluiting
1. Vóór gebruik
a. Controleer alle onderdelen op beschadigingen.
A
B
C
D
E
F
G
H
H
G
b. De BLACKROLL® COMPRESSION BOOTS bestaan uit een linker en een rechter
Boot. Beide Boots hebben een eigen besturingseenheid. Laad beide accu‘s
volledig op voordat u ze voor het eerst gebruikt. Hiervoor kunt u de batterijen
losmaken van de besturingseenheid door op de B-knop (batterij verwisselen)
te drukken. Aan de onderkant van de batterijen zit een USB-C poort die u kunt
aansluiten met de meegeleverde oplaadkabel. Gebruik een conventionele USB
5V-2A voeding om de batterijen op het lichtnet aan te sluiten en op te laden
(laadtijd: ca. 1,5 u). Gebruik een oplader van 5V 2A voor het opladen, gebruik
GEEN snellader. De batterij is volledig opgeladen wanneer alle 4 LED‘s op de
batterij continu branden. De batterij moet worden opgeladen wanneer de eerste
LED tijdens het gebruik knippert. Als u tussentijds de batterijstatus wilt contro-
leren, kunt u dat doen door de G-toets (laadstatus) ingedrukt te houden. Elke
brandende LED komt overeen met 25% batterijlading.
2. Opstarten
a. Open de ritsen en doe beide laarzen na elkaar op de benen. Let op: Tijdens het
gebruik moeten alle ritsen altijd volledig gesloten zijn. Zoek een comfortabele
houding voor gebruik, zittend of liggend. Om de werking te controleren kunnen
de laarzen één keer worden opgeblazen zonder de benen erin. Gebruik ze
daarna altijd met de benen. Leegblazen verkort de levensduur van de laarzen
en de pomp.
b. Starten van de besturingseenheid: Om een van de besturingseenheden te star-
ten, zet u de aan/uit-schuif (D) aan de zijkant van een eenheid in de aan- stand.
Als de eenheid is ingeschakeld, gaan de batterijstatusindicator (A) en de aan/
uit-knop (E) branden. Voer deze procedure op beide bedieningseenheden na
elkaar uit. De twee eenheden worden nu automatisch gekoppeld. Daarna kan de
bediening via een van de besturingseenheden plaatsvinden. De bedieningseen-
heid die na het koppelen gebruikt kan worden voor synchrone bediening van
beide eenheden herkent u aan een langzaam knipperende aan/uit-knop.
c. Handmatig de koppeling tot stand brengen: Als de twee eenheden elkaar niet
automatisch vinden, kunt u ze handmatig koppelen. Houd hiervoor de aan/uit-
knop (E) op een besturingseenheid minstens 5 seconden ingedrukt.
A
B
C
E
F
D