82
NEDERLANDS
• Ga zeer voorzichtig te werk wanneer u de gazonmaaier
achteruit laat rijden of naar u toetrekt.
• Kom niet met uw handen of voeten bij of onder de
gazonmaaier. Blijf altijd uit de buurt vanuitwerpopening.
• Maak het gebied waar u de gazonmaaier gaat gebruiken
vrij van voorwerpen zoals stenen, stokken, draad,
speelgoed, botten, enz. Deze kunnen door het blad worden
weggeslingerd. Voorwerpen die door het blad worden geraakt,
kunnen ernstige verwondingen toebrengen aan personen. Blijf
achter de handgreep wanneer de motordraait.
• Gebruik de gazonmaaier niet op blote voeten en niet wanneer
u sandalen draagt. Draag altijd stevigschoeisel.
• Trek de gazonmaaier alleen achteruit wanneer dat niet
anders kan. Kijk altijd omlaag en achter u voordat en terwijl u
achteruitloopt.
• Richt uitgeworpen materiaal niet op anderen. Zorg dat
uitgeworpen materiaal niet tegen een muur of obstakel komt.
Het materiaal kan terugkaatsen naar de gebruiker van de
gazonmaaier. Schakel, wanneer u op grindoppervlakken stuit,
de gazonmaaier uit door de handgreep los te laten, en laat het
blad tot stilstandkomen.
• Gebruik de gazonmaaier niet zonder dat de volledige
grasopvang, het uitwerpschild, de achterste beschermkap en
andere veiligheidsvoorzieningen op hun plaats zitten en goed
functioneren. Controleer regelmatig of alle beschermkappen
en veiligheidsvoorzieningen in goede staat zijn en of ze goed
werken en hun bedoelde functie uitvoeren. Vervang een
beschadigde beschermkap of andere veiligheidsvoorziening
voordat u de gazonmaaier weergebruikt.
• Laat een ingeschakelde gazonmaaier nooit onbeheerdachter.
• Voordat u de gazonmaaier reinigt, de grasopvangzak
verwijdert, het uitwerpschild vrijmaakt, de gazonmaaier
onbeheerd achterlaat of aanpassingen, reparaties of
inspecties uitvoert, moet u altijd de handgreep loslaten zodat
de gazonmaaier wordt uitgeschakeld en wachten tot het blad
tot stilstand isgekomen.
• Gebruik de gazonmaaier alleen bij daglicht of goed kunstlicht,
wanneer voorwerpen op de route van het maaiblad duidelijk
zichtbaar zijn voor wie met de gazonmaaierwerkt.
• Werk niet met de gazonmaaier wanneer u onder invloed bent
van alcohol of drugs, of wanneer u moe bent of ziek. Blijf altijd
goed opletten, kijk wat u doet en gebruik uw gezondverstand.
• Vermijd gevaarlijke omgevingen. Gebruik de gazonmaaier
nooit in vochtig of nat gras en nooit wanneer het regent. Let er
altijd goed op waar u uw voeten zet. Loop rustig en renniet.
• Laat, als de gazonmaaier ernstig gaat trillen, de handgreep
los, wacht tot het blad tot stilstand is gekomen en onderzoek
vervolgens onmiddellijk wat de oorzaak van het trillen
is. Trillen is over het algemeen een waarschuwing voor
problemen zie Problemen oplossen voor advies in het geval
van abnormaletrilling.
• Draag altijd goede bescherming voor uw ogen en luchtwegen
wanneer u met de gazonmaaierwerkt.
• Gebruikt u hulpstukken die niet worden aanbevolen voor
deze gazonmaaier, dan kan dat leiden tot gevaarlijke
Na gebruik
• Bewaar de machine na gebruik op een droge, goed
geventileerde plaats, buiten het bereik vankinderen.
• Kinderen mogen geen toegang hebben tot deopslaglocatie.
• Wanneer de machine in de auto staat, moet u de machine in
de kofferruimte plaatsen of goed vastzetten, zodat de machine
niet kan wegschieten bij plotselinge veranderingen in snelheid
ofrichting.
Inspectie en reparaties
• Controleer de machine vóór gebruik op beschadigingen
en defecten. Controleer de machine vooral op gebroken
onderdelen, schade aan de schakelaars en andere
omstandigheden die de werking ervan kunnenbeïnvloeden.
• Gebruik de machine niet in geval van een of meer beschadigde
of defecteonderdelen.
• Laat beschadigde of defecte onderdelen repareren of
vervangen door erkendereparateur.
• Probeer nooit andere onderdelen te verwijderen of vervangen
dan in deze handleiding zijnvermeld.
• Zorg dat uw vingers bij aanpassingen aan de maaimachine
niet klem komen te zitten tussen de bewegende bladen/delen
en de vaste delen van demachine.
• Onthoud dat bij het verrichten van onderhoud de bladen
kunnen bewegen, ook al is de machineuitgeschakeld.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor
gazonmaaiers
• Vervoer de machine niet terwijl de stroomvoorziening
isingeschakeld.
• Houd de handgreep stevig met beide handen vast wanneer u
met de gazonmaaierwerkt.
• Als de gazonmaaier op enig moment moet worden gekanteld,
zorg er dan voor dat tijdens het kantelen beide handen in de
werkpositie blijven. Houd beide handen in de werkpositie tot
de gazonmaaier weer goed op de grondstaat.
• Draag nooit een hoofdtelefoon voor radio of muziek wanneer
u de gazonmaaierbedient.
• Probeer nooit de wielhoogte aan te passen terwijl de motor
draait of terwijl de veiligheidssleutel zich in de behuizing van
de schakelaarbevindt.
• Schakel de gazonmaaier als deze vastloopt, uit door de
handgreep los te laten, wacht tot het maaiblad tot stilstand
is gekomen, en probeer vervolgens pas de blokkering van
de uitwerpopening te verwijderen of iets van onder de
maaimachine weg tehalen.
• Blijf met uw handen en voeten uit de buurt van
hetmaaigebied.
• Houd zaagbladen scherp. Draag altijd handschoenen bij het
hanteren van het maaiblad van degazonmaaier.
• Als u de grasopvang gebruikt, moet u deze regelmatig
controleren op slijtage en beschadigingen. Als de
grasopvang ernstig is versleten, moet u deze voor uw eigen
veiligheidvervangen.