79 80
ZITPOSITIE
Zadelhoogte
Om zo comfortabel mogelijk te zitten en zo efficiënt mogelijk te kunnen
trappen, moet de zadelhoogte correct worden ingesteld in verhouding
tot de beenlengte van de bestuurder. De zadelhoogte moet zodanig
worden ingesteld dat de benen niet worden belast door overstrekking
en de heupen niet van links naar rechts schommelen tijdens het trappen.
Ga op de fiets zitten, zorg ervoor dat één pedaal zich op het laagste
punt bevindt en plaats vervolgens de bal van uw voet op die pedaal.
Als de zadelhoogte juist is ingesteld kan uw knie nu licht buigen in
deze positie. Als u daarna de hiel van uw voet op het pedaal zet,
zal uw been nagenoeg gestrekt zijn.
De markering van maximumhoogte op de zadelpen
mag in geen geval zichtbaar zijn boven het frame.
Als deze markering op de zadelpen te zien is boven
het frame, kan de zadelpen of het frame breken en is
het mogelijk dat u tijdens het fietsen de controle
verliest en valt. Voordat u voor het eerst op de fiets rijdt,
moet u ervoor zorgen de zadelklem goed is vastgezet.
Een losse zadelklem of zadelpen kan schade aan de
fiets veroorzaken of kan ertoe leiden dat u de controle
verliest en valt. Controleer periodiek of de zadelklem
goed vastzit.
Reikwijdte armen
Voor maximaal comfort moet de bestuurder zijn of haar armen niet
overstrekken tijdens het fietsen.
Het is belangrijk om voor elke rit de volgende veiligheidscontroles uit te voeren:
VEILIGHEIDSCONTROLES
1.Remmen
- Controleer of de voor- en achterremmen goed werken.
- Controleer of de remblokken niet versleten zijn en ten opzichte van de velgen op de juiste positie zitten.
- Zorg ervoor dat de remkabels zijn gesmeerd, goed zijn afgesteld en dat er geen duidelijk tekenen van
slijtage zichtbaar zijn.
- Zorg ervoor dat de remhendels zijn gesmeerd en goed zijn vastgezet op het stuur.
2.Wielen en banden
- Zorg ervoor dat de banden zijn opgepompt tot binnen de aanbevolen limiet zoals getoond op de
zijkant van de band.
- Zorg ervoor dat de banden profiel hebben en dat er geen tekenen van overmatige slijtage of
beschadigingen zichtbaar zijn.
- Zorg ervoor dat de velgen normaal kunnen draaien en dat er geen duidelijke bulten of knikken
(slag in de velg) zichtbaar zijn.
- Zorg ervoor dat alle spaken strak staan en niet zijn afgebroken.
- Controleer of de wielmoeren goed vastzitten. Als uw fiets is uitgerust met snelontspanners,
controleer dan of de vergrendelingen goed zijn vergrendeld en in de gesloten stand staan.
- Afmetingen:14*1,75(inch)
3.Stuur
- Zorg ervoor dat het stuur en de stuurpen goed zijn afgesteld en vastgezet en dat er goed
gestuurd kan worden.
- Zorg ervoor dat het stuur goed is afgesteld in verhouding tot de vorken en de rijrichting.
- Controleer of het vergrendelmechanisme van het balhoofd goed is afgesteld en vastgezet.
- Als de fiets is uitgerust uitbreidingen aan de uiteinden van het stuur, zorg er dan voor dat deze
goed zijn gepositioneerd en vastgezet.
4.Ketting
- Zorg ervoor dat de ketting geolied en schoon is en soepel loopt.
- Er is extra zorg benodigd in natte of stoffige omstandigheden.
Maximale hoogte/Markering
maximumhoogte zadel
(moet niet zichtbaar zijn)
Armen niet
overstrekken
Stuurpenhoogte
ongeveer
hetzelfde als de
zadelhoogte
Pedaal op laagst
mogelijke positie
NLNL