5.4 Wielen
Controleer de bandenspanning. De juiste spanning is te vinden op de schouder van de band.
Controleer de banden. Er mogen geen sneden, scheuren, vreemde voorwerpen, abnormale
zwellingen, slijtplekken of andere beschadigingen aanwezig zijn.
5.5 Remsysteem
Test de remmen bij lage snelheid (max. 6 km/h) in een gebied zonder obstakels. Test eerst de
achterrem en vervolgens de voorrem.
Problemen aangetroffen
Rij niet op de fiets met trapondersteuning als er een of meer gebreken zijn geconstateerd
tijdens de controles.
Verhelp het geconstateerde probleem meteen en neem zo nodig contact op met de klantenservice.
VOORZICHTIGHEID
143