31
NL
Lees de gebruiksaanwijzing voor het eerste gebruik zorgvuldig door en volg de veiligheidsinstructies op om
schade door verkeerd of ondeskundig gebruik en ongeschikte omgevingsomstandigheden te voorkomen. Be-
waar deze gebruiksaanwijzing, zodat u deze later nogmaals kunt raadplegen.
Controleer het apparaat nadat u het uit de verpakking hebt gehaald op beschadigingen. Gebruik het apparaat
niet als u vermoedt dat het is beschadigd. Raadpleeg in zo’n geval een deskundige. Het recyclebare verpak-
kingsmateriaal moet op de juiste manier worden weggegooid of op zo’n manier worden opgeborgen dat kleine
kinderen er niet bij kunnen.
Dit apparaat mag uitsluitend worden gebruikt waarvoor het uitdrukkelijk is ontwikkeld. Elk ander gebruik dient
als onjuist en dus als gevaarlijk te worden beschouwd. De leverancier is niet aansprakelijk voor eventueel
letsel van personen dat of eventuele materiële schade die op ondeskundig of verkeerd gebruik kan worden
teruggevoerd.
Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen die acht jaar of ouder zijn en door personen met vermin-
derde lichamelijke, sensorische of psychische capaciteiten, of met onvoldoende ervaring en kennis, wanneer
dit gebeurt onder toezicht of instructie over het veilig gebruik van het apparaat en mits deze personen de aan
het gebruik verbonden risico‘s begrijpen. Laat kinderen niet met het apparaat spelen. Kinderen mogen zonder
toezicht de handelingen van de reiniging en het onderhoud niet uitvoeren. Zet het apparaat op een geschikte
ondergrond, zodat gelekte vloeistoffen geen schade kunnen veroorzaken.
Reparaties aan elektrische apparaten dienen uitsluitend door deskundigen te worden uitgevoerd. Ondeskundig
uitgevoerde reparaties en veranderingen aan het apparaat kunnen gevaarlijke gevolgen hebben voor de ge-
bruiker. Als dit soort reparaties en veranderingen worden uitgevoerd, komt het recht op garantie te vervallen.
1. Laat het apparaat niet in contact komen met warme oppervlakken.
2. Om een stroomstoot te vermijden, moet u voorkomen dat het snoer, de stekker op het apparaat zelf in
contact komt met water of een andere vloeistof.
3. Op kinderen moet in de buurt van het ingeschakelde apparaat goed toezicht worden gehouden.
4. Trek de stekker uit het stopcontact wanneer u het apparaat niet gebruikt of voor het schoonmaken.
5. Gebruik het apparaat niet als het snoer of de stekker beschadigd is, of na een storing of beschadiging.
Stuur het in dergelijke gevallen altijd ter controle naar een servicepunt.
6. Laat het snoer niet over de rand van de tafel, het aanrecht o.i.d. naar beneden hangen. Plaats het appa-
raat niet op een wankele, of met stof beklede ondergrond.
7. Controleer voor gebruik eerst of het snoer en de stekker onbeschadigd zijn en vervolgens ook de behui-
zing, om beschadigingen uit te sluiten. Wanneer een deel van het apparaat is beschadigd, kunt u het best
contact opnemen met de klantendienst.
8. Verbreek de stroomtoevoer wanneer u het apparaat wilt verplaatsen, of als het niet wordt gebruikt.
9. Gebruik het apparaat niet bij een bijzonder hoge luchtvochtigheid, in een zeer stoffige omgeving of bij een
temperatuur boven 40° C.
10. Steek geen vingers of voorwerpen in de draaiende ventilator. Houd goed toezicht op kinderen.
11. Stel kinderen, ouderen of zieke personen niet lange tijd bloot aan de rechtstreekse luchtstroom.
12. Sproei geen agressieve schoonmaakmiddelen in de ventilator, om beschadiging van de kunststof te ver-
mijden.
1. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES