73
NEDERLANDS
NL
Laat de sleutel niet in stand 2 of 3 op de
machine zitten. Er is dan brandgevaar
omdat brandstof in de motor kan lopen
via de carburateur en de accu kan ont-
laden en worden beschadigd.
Vier standen:
1. Stopstand - de motor is kortgesloten. De
sleutel kan verwijderd worden.
2. Rijstand - de koplamp brandt.
3. Rijstand - de koplamp brandt niet.
4. Startstand - de elektrische startmotor
wordt geactiveerd op het moment dat de
sleutel in de veerbelaste startstand wordt
gedraaid. Laat de sleutel teruggaan naar
rijstand 3 wanneer de motor gestart is.
Draai de sleutel naar stand 2 om de kop-
lamp in te schakelen.
2.4.9 Krachtafnemer (2:K)
Schakelaar voor in- en uitschakelen van de elektro-
magnetische krachtafnemer voor gebruik van aan
de voorzijde gemonteerde accessoires. Twee stan-
den:
1. Druk op het voorste deel van de schake-
laar - de krachtafnemer wordt ingescha-
keld. Het symbool brandt.
2. Druk op het achterste deel van de scha-
kelaar - de krachtafnemer wordt uitge-
schakeld.
2.4.10 Urenteller (3:P)
Laat het aantal werkuren zien. Werkt alleen bij
draaiende motor.
2.4.11 Cruise control (2:N)
Schakelaar om de cruise control te activeren. De
cruise control vergrendelt het pedaal (3:F) in de ge-
wenste stand.
1. Trap het pedaal (1:F) in tot de gewenste
snelheid wordt bereikt. Druk daarna op
het voorste gedeelte van de schakelaar om
de cruise control te activeren. Het sym-
bool brandt.
2. Schakel de cruise control uit door het pedaal
(1:B) te ontgrendelen of door op het achterste ge-
deelte van de schakelaar te drukken.
2.4.12 Instelling maaihoogte (2:J)
De machine is uitgerust met een mechanisme voor
het gebruik van een maaidek met elektrische maai-
hoogte-instelling.
De schakelaar wordt gebruikt om de maai-
hoogte traploos in te stellen.
Het maaidek is aangesloten op het contact (2:Q).
2.4.13 Zandstrooier (2:O)
De machine is uitgerust met een mechanisme voor
het gebruik van een elektrisch instelbare zand-
strooier (accessoire).
De schakelaar wordt gebruikt om de
strooier te starten en te stoppen.
De kabels voor het aansluiten van de zandstrooier
bevinden zich op de achterzijde van de machine.
2.4.14 Koppelingshendel (4:R)
Hendel om de traploze transmissie uit te schake-
len. Hiermee kunt u de machine handmatig ver-
plaatsen zonder de motor te gebruiken. Twee
standen:
1. Hendel naar buiten - transmis-
sie ingeschakeld voor normaal
gebruik. U hoort een klik als de
hendel in deze stand wordt ver-
grendeld.
2. Hendel naar binnen – transmissie is uitgescha-
keld. De machine kan handmatig worden ver-
plaatst.
De machine mag niet over lange afstanden of met
hoge snelheid worden gesleept. Hierdoor kan de
versnellingsbak worden beschadigd.
2.4.15 Zitting (5:S)
De zitting kan worden opgeklapt en naar
voor of achter worden geschoven. De
stand van de zitting kan met de knoppen
(5:T) worden vergrendeld.
De zitting is voorzien van een beveiligingsschake-
laar die is aangesloten op het beveiligingssysteem
van de machine. Doordat bepaalde functies niet
werken als er niemand op de zitting zit wordt voor-
komen dat er gevaarlijke situaties kunnen ont-
staan. Zie ook 4.3.2.
2.4.16 Motorkap (6:U)
De machine heeft een motorkap die geo-
pend kan worden, zodat de benzinekraan,
accu en motor makkelijk bereikbaar zijn.
De motorkap is vergrendeld met een rub-
beren band.
De motorkap gaat als volgt open:
1. Maak aan de voorzijde van de kap de rubberen
band (6:V) los.
2. Til de motorkap omhoog.
Bevestig alles weer in omgekeerde volgorde.
De machine alleen gebruiken met geslo-
ten en vergrendelde kap. Anders be-
staat er een kans op brandwonden en
kunt u bekneld raken.
12 V