64
STORINGEN VINDEN EN
VERHELPEN
Verschijnselen Mogelijke redenen Herstellings wijze
Het apparaat werkt niet
Onderbreking in de electrische
installatie
- controleer of de stekker goed
in het stopcontact zit
- controleer of de spanningska-
bel niet beschadigt is
- controleer of er spanning op
het stopcontact staat door bv.
een ander toestel aan te sluiten
bv. een nachtlamp
- controleer of het apparaat aan
staat door de thermostaat op
meer dan 0 te zetten
Binnenverlichting werkt niet
De gloeilamp is los of door-
gebrand ( In apparaten met
gloeilampen verlichting).
- Controleer het vorige punt „Het
apparaat werkt niet”- draai de
gloeilamp aan of vervang de
doorgebrande (In apparaten
met gloeilampen verlichting).
Het apparaat werkt continue
Slechte instelling van de tempe-
ratuurregelaar
- temperatuur met de draaiknop
naar beneden draaien
Andere redenen in het punt
„Vries-/koeltemperatuur is niet
laag genoeg”
- controleren volgens punt
„Vries-/koeltemperatuur is niet
laag genoeg”
Er ontstaat water in de onderste
deel van de koelkast
De waterafvoeropening is
verstopt
- maak de verstopte opening
schoon (zie hoofdstuk - „Ont-
dooien van de koelkast”)
De ventilatie binnen de cel is
belemmerd
- controleer of de levensmid-
delen en dozen de achterwand
van de koelkast niet aanraken
Ongewone of sterkere geluiden
Het apparaat staat niet water-
pas en stabiel
- het apparaat waterpas op-
stellen
Het apparaat raakt aan wanden,
meubels of andere elementen
- het apparaat zo opstellen,
dat er geen andere elementen
aanraakt en zelfstandig staat