EasyManua.ls Logo

lamber NSP1206 - Page 46

lamber NSP1206
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
46
WATERTOEVOER
ATTENTIE! De afwasmachine moet
met de nieuwe leidingen op het waternet
worden aangesloten. Gebruik de oude
leidingen niet !
Neem de bestaande Nationale en
Regionale Normgevingen strikt in acht.
De hydraulische inrichting moet de
volgende eigenschappen hebben:
Temperatuur: 45°-55°C.
Indien koud water wordt
toegevoerd, zal het werkvermogen van de
machine afnemen evenredig met de
temperatuur, omdat gewacht moet worden
totdat de werktemperatuur wordt bereikt.
Dynamische druk: 2÷4 bar (200÷400 kPa);
- voor machines voorzien van ingebouwd
Zuiveringsapparaat:
- voor machines voorzien van ingebouwd
Zuiveringsapparaat:
Temperatuur: 10÷12°C
Dynamische druk: 3÷4 bar (300÷400 kPa);
ATTENTIE!
Indien de waterdruk boven de 4bar ligt,
gebruik de meegeleverde drukreductor “A”,
monteer deze in de elektroklep, zoals
aangegeven in de onderstaande tekening.
Indien de waterdruk onder de op het
typeplaatje aangegeven waarde ligt
monteer een pomp om de druk te verhogen.
Hardheid tussen 7,2÷12,5 °f
In geval van een grotere
waterhardheid is een waterverzachter nodig;
indien deze niet aanwezig is moeten de
procedures voor de ontkalking vaker worden
uitgevoerd en moeten grotere hoeveelheden
reinigingsmiddel worden gebruikt.
We raden aan alleen verzachters te gebruiken
met "Ionen uitwisselaars" of met "Omgekeerde
Osmose". Het gebruik van magnetische velden
of elektromagnetische stralingen is geheel
nutteloos voor het specifieke gebruik bij
Vaatwasmachines.
WATERLEIDING: Breng in de buurt van de
machine een waterleiding aan met de
bovenstaande eigenschappen en plaats aan het
uiteinde een kraan met een mnl. schroefdraad
koppeling van 3/4" Gas.
WERKTEMPERATUREN
Waswater 55°÷ 60°C
Spoelwater 80°÷ 85°C
N.B. Voor een correcte werking van de
thermocontrol regel de thermostaat niet
tijdens de wascyclus.
DE IJKWAARDEN VAN DE
THERMOSTATEN NIET VERANDEREN
WATERAFVOER
Bereikbaar aan de voorkant van de machine via
het voorpaneel (draai de twee schroeven aan de
voorkant los);
Bij voorkeur moet de afvoer aan de grond liggen
met een minimaal diameter van 1"1/4 (42 mm),
en moet voorzien zijn van een sifon met de
geschikte helling.
Indien een dergelijke inrichting reeds aanwezig
is maar elders geplaatst kan een verbinding
worden gemaakt door middel van een slang met
een binnendiameter van 32 mm en de
meegeleverde elleboogverbinding.
Zorg dat er in de slang geen vouwen of
verstoppingen voorkomen die de waterdoorgang
kunnen belemmeren of vertragen.
Neem de vigerende Nationale en Regionale
Normgevingen betreffende de hydraulische
afvoeren strikt in acht.

Related product manuals