74
NL BE
in.
5. Leg de stootbescherming neer aan de
-
-
In- en uitschakelen
(afb. H)
-
2. Voor de trekontlasting vormt u uit het
vast.
3. Sluit het apparaat op de netspanning
aan.
4. Let er vóór het inschakelen op dat het
apparaat geen voorwerpen raakt.
houd hem ingedrukt.
-
7. Om het apparaat uit te schakelen, laat
Na het uitschakelen van het
apparaat draait het mes nog
enkele seconden lang. Raak
het draaiende mes niet aan.
Er bestaat gevaar voor licha-
Wielaandrving
2. -
3. -
staan.
Werken met de grasmaaier
Het regelmatige maaien zet de grasplant
tot een versterkte bladvorming aan, maar
Daarom wordt het gazon telkens nadat er
gemaaid werd dichter en ontstaat er een
snoeibeurt vindt plaats ongeveer vanaf
minstens één keer per week gemaaid.
van het stopcontact en werk van het
stopcontact weg.
breng het na het keren tot aan de reeds
-
centimeters te overlappen.
apparaat niet overbelast wordt. In het
andere geval kan de motor beschadigd
worden.
helling. Wees uiterst voorzichtig wan-
neer u achteruitstapt en het apparaat
voorttrekt.
-
houd, opslag“ beschreven.
Schakel na het werk en voor het
transport het apparaat uit, trek de
netstekker uit en wacht de stilstand
van het mes af. Er bestaat gevaar