48
Vertaling van de originele instructies
PROBLEEMOPLOSSEN
Als deze oplossingen het probleem niet verhelpen, neemt u contact op met uw geautoriseerde onderhoudsverdeler.
PROBLEEM Mogelijke oorzaak OPLOSSING
Het apparaat schakelt
niet in.
De aan/uit-knop werd niet
ingedrukt.
Druk op de aan/uit-knop.
De adapter is niet goed
aangesloten op de adapteringang of
het stopcontact.
Verbind de adapter correct met de adapteringang en
het stopcontact.
De zekering is doorgebrand. Vervang de doorgebrande zekering door een 12 V 6
A zekering. Zorg ervoor dat deze origineel is en enkel
gekocht bij de fabrikant.
De voeding werkt niet goed. Sluit het product aan op een andere voeding.
Het koelvak is te
warm.
De koeldeur wordt te vaak
geopend.
Sluit de deur van de koeler als u er geen eten of
drinken in doet of uit haalt.
Er werd recent een grote
hoeveelheid warm eten in het
koelvak geplaatst.
Plaats geen warm eten in het koelvak om beschadiging
van het product te voorkomen.
Het product was lange tijd
afgekoppeld.
Maak het koelvak schoon en steek het product opnieuw
in het stopcontact.
Het voedsel in het
koelvak te bevroren.
De temperatuur is te laag ingesteld.
Druk op
om een hogere temperatuur in te stellen.
Er komt een geluid van
stromend water uit het
product.
Dit is normaal en wordt veroorzaakt
door het vloeien van het
koelproduct.
-
Er zijn waterdruppels
rond het product of
de spleet van de
koelerdeur.
Dit is normaal. Dit is vocht dat
is gecondenseerd toen het in
aanraking kwam met het koude
oppervlak van het product.
-
De compressor maakt
een beetje lawaai bij
het inschakelen van
het product.
Dit is normaal. Dit geluid zal
verminderen zodra de compressor
stabieler wordt.
-
De F1-code wordt
weergegeven op het
bedieningspaneel.
Het product is in lage spanning. Wijzig de accubeveiligingsmodus van Hoog naar
Medium of van Medium naar Laag.
De F2-code wordt
weergegeven op het
bedieningspaneel.
De condensorventilator is
overbelast.
Schakel het product uit en schakel het na 5 minuten
weer in. Als de code opnieuw wordt weergegeven,
neem contact op met een erkend servicecentrum.
De F3-code wordt
weergegeven op het
bedieningspaneel.
De compressor start te frequent. Schakel het product uit en schakel het na 5 minuten
weer in. Als de code opnieuw wordt weergegeven,
neem contact op met een erkend servicecentrum.
De F4-code wordt
weergegeven op het
bedieningspaneel.
De compressor start niet. Schakel het product uit en schakel het na 5 minuten
weer in. Als de code opnieuw wordt weergegeven,
neem contact op met een erkend servicecentrum.
De F5-code wordt
weergegeven op het
bedieningspaneel.
De compressor en de elektronica
van het product raken oververhit.
Schakel het product uit en schakel het na 5 minuten
weer in. Als de code opnieuw wordt weergegeven,
neem contact op met een erkend servicecentrum.
De F6-code wordt
weergegeven op het
bedieningspaneel.
De regelaar detecteert geen enkele
parameter.
Koppel het product gedurende 5 minuten af van de
voeding. Sluit het product opnieuw aan op de voeding.
Als de code opnieuw wordt weergegeven, neem
contact op met een erkend servicecentrum.
De F7- of F8-code
wordt weergegeven op
het bedieningspaneel.
De temperatuursensor is defect. Neem contact op met een erkend servicecentrum.