EasyManua.ls Logo

Velleman INHA511 - Page 13

Velleman INHA511
60 pages
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
DVM1100 VELLEMAN
-
13
-
• Tijdens het gebruik van deze multimeter moet de gebruiker alle veiligheidsmaatregelen in acht nemen:
o Veiligheidsmaatregelen betreffende het gevaar van elektrische stroom.
o Beveiliging van de multimeter tegen verkeerd gebruik.
• Gebruik voor uw eigen veiligheid enkel de meegeleverde meetsnoeren. Controleer voor elk gebruik of de
meetsnoeren in goede staat verkeren.
• Merk op dat, wanneer u de meter gebruikt in de buurt van een luidruchtig toestel, de display onstabiel kan worden
of onjuiste resultaten kan weergeven.
• Gebruik de meter en de meetsnoeren niet wanneer ze beschadigd zijn.
• Gebruik de meter enkel zoals aangegeven in deze handleiding, zoniet wordt de meter onveilig voor gebruik.
• Wees zeer voorzichtig wanneer u met ontblote leidingen en bus bars werkt.
• Vermijd gebruik in een ruimte met explosief gas, dampen of stof.
• Controleer of de meter goed functioneert door een gekende spanning te meten. Gebruik de meter niet wanneer
deze niet naar behoren werkt. In geval van tijfel laat u best de meter ijken.
• Gebruik de gepaste bussen, functie en bereik voor alle metingen.
• Is de te meten waarde onbekend, zorg dat het bereik op de hoogste waarde is ingesteld. Gebruik de
automatische bereikmodus waar mogelijk.
• Overschrijd de maximale ingangswaarden vermeld in de technische specificaties niet om beschadiging te vermijden.
• Raak geen vrije bussen aan wanneer u de meter aan een circuit koppelt.
• Wees voorzichtig met spanning hoger dan 60VDC of 30VAC rms omdat deze elektroshocks kunnen veroorzaken.
• Houd uw vingers achter de bescherming wanneer u de meetsnoeren gebruikt.
• Tijdens de aansluiting, sluit eerst het COM-meetsnoer en pas daarna het testsnoer onder spanning. Ontkoppel
eerst het meetsnoer onder spanning en daarna het COM-meetsnoer.
• Ontkoppel de meetsnoeren van het circuit alvorens de functie te wijzigen.
• Voor alle DC-functie alsook de manuele of automatische bereikinstelling, controleer op de aanwezigheid van AC-
spanning met behulp van de AC-functie om elektroshocks en onjuiste meetresultaten te vermijden. Selecteer
daarna een DC-spanningsbereik gelijk of groter dan het AC-bereik.
• Schakel het circuit uit en ontlaad alle condensators voor u de weerstand, continuïteit, diodes of capaciteit meet.
• Voer nooit weerstands- of doorverbindingstmetingen uit op een circuit onder stroom.
• Alvorens stroommetingen uit te voeren, controleer de zekering en schakel het te meten circuit uit. Koppel pas
daarna de meetsnoeren aan het circuit.
• Bij tv-herstellingen of metingen op schakelende circuits kunnen de hoge spanningspulsen op de testpunten de
multimeter ernstig beschadigen. Gebruik een tv-filter om deze pulsen te verzwakken.
• Voed de meter aan de hand van een 9V-batterij en plaats deze op een correcte wijze in het batterijvak.
• Vervang de batterij van zodra de aanduiding (
) op het scherm verschijnt. Zo vermijd u onnauwkeurige
resultaten en mogelijke elektroshocks.
• Meet geen spanningen hoger dan 600V in meetcategorie III of 1000V in meetcategorie II.
• Het REL-symbool wordt weergegeven in de REL-modus. Ga voorzichtig te werk vanwege de gevaarlijke
spanning.
• Gebruik de meter niet wanneer de behuizing volledig (of gedeeltelijk) is verwijderd.
3. Omschrijving
a. Multimeter
1. lcd-scherm
2. toetsenpaneel
3. draaischakelaar
4. bussen
5. batterijvak