94
NL
GEBRUIKSAANWIJZING · UNIFORM
PROBLEEMOPLOSSING
Problem Mögliche Ursachen Oplossingen
De kofemolen
start niet.
De stekker zit niet in het
stopcontact.
Steek de stekker in het
stopcontact.
De bonentrechter staat niet
in de juiste positie.
Draai de bonentrechter goed
in de vergrendelde stand.
De kofemolen
is verstopt.
Als instelling 1-4 wordt
gebruikt, kunnen de
bramen verstopt raken.
Stel de kofemolen in op 25
en stel deze geleidelijk weer
in op de gewenste instelling
terwijl de motor draait met
bonen in de trechter. Hierdoor
wordt de verstopping van de
bramen verwijderd.
Afhankelijk van het
type bonen, slijtage en
fabriekskalibratie kan de
machine op de jnste
instellingen verstopt raken.
Om de jnste instelling
te vinden voordat er een
verstopping is: Verlaag de
instelling geleidelijk totdat de
bramen verstopt raken. Als
de molen verstopt raakt bij
instelling 3, moet
instelling 4 worden
beschouwd als de jnste
instelling.
De kofemolen
maalt grof, zelfs
bij de jnste
instellingen.
De bonentrechter is niet
volledig op zijn plaats
gedraaid.
Als de bonen grof worden
gemalen, zelfs op de jnere
standen, zit de kop mogelijk
niet op zijn plaats. Probeer
de bonentrechter nog een
omwenteling te laten maken.
De kofemolen
is moeilijk
af te stellen
op jnere
instellingen.
De bonen kunnen vast
komen te zitten tussen de
bramen.
Laat de motor draaien terwijl
u deze instelt op een jnere
instelling.