116
6. Verzorging van de snelkookpan
6.1. Reiniging
De dekselgreep uitklappen en aan beide zijden
onder stromend water afwassen (D)(N).
De dichtingsring (10) uit het deksel verwijderen
(P) en met de hand afwassen.
De pan, het deksel en de inzetten kunnen in de
vaatwasser gereinigd worden. Levensmiddelres-
ten niet afkrabben, maar inweken.
Eventuele kalkaanslag met water en azijn
uitkoken.
De bodem van de pan ook regelmatig reinigen.
6.2. Opbergen
De dichtingsring (10) na de reiniging apart
opbergen, om hem te ontzien.
6.3. Onderhoud
De snelkookpan is een technisch gebruiksvoor-
werp en de afzonderlijke onderdelen kunnen aan
slijtage onderhevig zijn. Na een langer gebruik
moet u alle onderdelen daarom controleren aan
de hand van de »Lijst van reserveonderdelen«.
Bij duidelijke veranderingen moeten de betref-
fende onderdelen worden vervangen.
Gebruik uitsluitend de originele reserveonder-
delen van de fabrikant.
Aanwijzing: Als de dekselgreep (5) beschadigd
is, moet deze in de fabriek gerepareerd worden.
7. Veelzijdig gebruik
Het koken met een snelkookpan heeft niet
alleen voordelen voor traditionele toeberei-
dingswijzen.
7.1. Toebereiden van diepvriesartikelen
Diepvriesartikelen kunnen direct vanuit de
die-pvries in de pan worden gedaan. Het vlees
iets laten ontdooien om het aan te braden.
Groente direct uit de verpakking in de inzet doen.
De opwarmtijden worden langer, de kooktijden
blijven hetzelfde.
7.2. Toebereiden van voedzame gerechten
Voor voedzame gerechten worden vaak peul-
vruchten en graan gebruikt. Bij de toebereiding
in een snelkookpan hoeven de peulvruchten en
het graan niet absoluut meer ingeweekt te wor-
den. De kooktijden worden dan ca. de helft van
de tijd langer.
Doe de minimale hoeveelheid van 1/4l vloeistof
in de pan en bovendien op 1 deel graan/peul-
vruchten nog minstens 2 delen extra vloeistof.
De resterende warmte van de kookplaat kan
voor het nazwellen worden benut. Let erop dat
bij schuimende of opzwellende gerechten
(graan, peulvruchten) de pan maar voor de helft
gevuld mag worden.
7.3. Inmaken
Inmaakpotten met 1 l inhoud worden in een
6,5 l en een 8,5l snelkookpan ingemaakt,
kleinere potten in een 4,5l snelkookpan.
De levensmiddelen voorbereiden zoals u
gewend bent. 1/4 l water in de snelkookpan
doen. Inmaakpotten in de geperforeerde inzet
zetten.
Groente/vlees bij de tweede oranje
kookring ca. 20 min koken
Vruchten met steen bij de eerste oranje
kookring ca. 5 min koken
Vruchten met pitten bij de eerste oranje
kookring ca. 10 min koken
Laat de pan langzaam afstomen (methode 1) –
dus niet m.b.v. het schuifje of onder stromend
water drukloos maken, omdat anders het sap
uit de potten wordt geperst.