74 75Quick Start Guide
JT MINI
30. CLEAR ALL – Gebruik deze
knop om noten te wissen die in
de sequencer zijn opgenomen.
Eentweede druk op de knop
herstelt de gewiste notities.
Wordtook gebruikt om geheugen
2 te selecteren.
31. SCALE ⁄ – Sequencer en
Arpeggiator spelen in het
geselecteerde tempo. Wordtook
gebruikt om geheugen 3
teselecteren.
32. SCALE ½ – Sequencer en
Arpeggiator spelen op de helft
van het geselecteerde tempo.
Wordtook gebruikt om geheugen
4 te selecteren.
33. SCALE ¼ – Sequencer en
Arpeggiator spelen op een kwart
van het geselecteerde tempo.
Wordt ook gebruikt om geheugen
5 te selecteren.
34. METRONOME – Gebruik deze
toets om de metronoom tijdens
het opnemen van sequences in
of uit te schakelen. Wordtook
gebruikt om geheugen 6
teselecteren.
35. STEP TRIGGER – Gorceert bij
elke nieuwe sequencestap een
hertriggering van de envelope.
Wordt ook gebruikt om geheugen
7 te selecteren.
36. FREESTYLE – Gebruik deze toets
om de sequencer in realtime
opnamemodus te zetten.
Wordtook gebruikt om geheugen
8 te selecteren.
37. MOTION SEQUENCE AAN/UIT
– Gebruik deze toets om na het
opnemen van de noten realtime
wijzigingen in de besturing
te kunnen opnemen. Merk op
dat VCF Resonance, Tempoen
VCO-golfvorm niet in een motion
sequence kunnen worden
opgenomen. Wordt ook gebruikt
om geheugen 9 te selecteren.
38. MOTION SEQUENCE
SMOOTH – Gebruik deze toets
om de besturingswijzigingen
die in een motion sequence
zijn opgenomen te nivelleren.
AlsSmooth is uitgeschakeld,
springt de motion sequence tussen
de stappen. Wordt ook gebruikt
om geheugen 10 te selecteren.
39. MOTION SEQUENCE CLEAR
– Gebruik deze toets om een
opgenomen bewegingsvolgorde
te wissen. Een tweede keer
drukken zal de gewiste
reeksherstellen.
40. VCF SLOPE – Gebruik deze toets
om het VCF tussen 2 pole- en
4-polemodus om te schakelen.
41. LFO SINE – Gebruik deze toets
om een sinusgolf voor de LFO
teselecteren.
42. LFO SAW – Gebruik deze toets
om een zaagtandgolf voor de LFO
teselecteren.
43. LFO SQUARE – Gebruik deze
toets om een blokgolf voor de LFO
teselecteren.
44. LFO RAND – Gebruik deze toets
om een willekeurige (sampleand
hold) wave voor de LFO
teselecteren.
De sequencer gebruiken
Selecteer polyfoon of unisono met
regelaar 10
Houd de FUNC-knop (3) en de PLAY/
ACTIVE-knop (28) ingedrukt en
gebruik de witte toetsen om het
aantal stappen in het patroon te
selecteren door een vinger van
de eerste naar de laatste stap te
bewegen. Onthoud dat op elke
toets kan worden begonnen en
geëindigd, zolang de laatste toets
hoger is dan de eerste toets.
Als u de metronoom wilt
gebruiken, selecteer deze dan
door achtereenvolgens op FUNC en
Metronome (toets 34) te drukken.
De sequence kan op twee manieren
worden gestart: als u de eerste
noot wilt deniëren, druk dan op
RECORD (27) en speel de eerste
noot. De sequencer zal gaan lopen
en de metronoom (als deze is
geselecteerd) zal op de kwartnoten
klinken. U kunt ook tegelijk op PLAY
(28) en RECORD (27) drukken om de
sequence direct uit te voeren.
Zodra de sequencer loopt, kuntu
de gewenste noten spelen.
Zeworden automatisch naar de
dichtstbijzijnde stap gequantiseerd
(gecorrigeerd).
In de afspeelmodus kunt u de
huidige sequence wissen door FUNC
ingedrukt te houden en op ERASE
(27) te drukken.
Als u klaar bent met opnemen,
drukdan op PLAY (28) om de
sequencer te stoppen. Houd
de knop FUNC vast en druk
achtereenvolgens op WRITE (26)
en een toets tussen de 29 en
38 om in geheugen 1 - 10 op te
slaan. Bedenkdat instellingen van
regelaars niet worden opgeslagen.