AT2050 Persluchthamer
6
• Zet de trekker niet met tape, draad of anderszins
in de AAN-stand vast.
• Houd de handgreep droog, schoon, en olie-
en vetvrij.
• Schakel de luchttoevoer altijd uit en koppel het
gereedschap los van de luchttoevoer bij het
verwisselen van hulpstukken.
Verstrikt raken kan letsel veroorzaken.
Brandbare dampen kunnen ontploffen.
• Gebruik dit gereedschap niet in de nabijheid van
ontvlambare dampen of van een gasleiding of
gastank.
• Richt de uitlaatgassen van het gereedschap weg
van vlammen of warme oppervlakken.
• Smeer gereedschap nooit met brandbare of
vluchtige vloeistoffen zoals kerosine, diesel of
vliegtuigbrandstof.
• Gebruik uitsluitend de aanbevolen
smeermiddelen.
Explosies of vlammen kunnen verwondingen
veroorzaken.
Smeerolie wordt met de uitlaatgassen afgevoerd.
• Gebruik het gereedschap in een goed
geventileerde ruimte.
• Vermijd inademen van de uitlaatgassen.
Het inademen van lucht met olienevel kan letsel
veroorzaken.
Elektriciteit kan een elektrische schok veroorzaken.
• Gebruik het gereedschap niet bij onder spanning
staande elektrische circuits.
• Dit gereedschap is niet geïsoleerd tegen
elektrische schok.
Een elektrische schok kan letsel veroorzaken.
De werkruimte kan een gevaar bevatten.
• Houd de werkruimte schoon en goed verlicht.
• Blijf alert en gebruik uw gezond verstand bij
gebruik van het gereedschap. Niet bedienen
wanneer u vermoeid bent of onder de invloed van
geneesmiddelen, drugs of alcohol.
• Alvorens het gereedschap te gebruiken, moet u
controleren of er een uitschakelinrichting op de
toevoerleiding is aangebracht en dat de plaats
hiervan goed bekend en gemakkelijk bereikbaar
is, zodat de luchttoevoer naar het gereedschap
in noodgevallen uitgeschakeld kan worden.
• Leg het gereedschap pas neer als het hulpstuk
tot stilstand is gekomen.
• Reik niet te ver. Zorg dat u steeds stevig staat en
altijd uw evenwicht bewaart.
• Sta niet toe dat omstanders het gereedschap
aanraken.
• Houd omstanders op veilige afstand van het
werkgebied.
• Zowel de gebruiker als de omstanders moeten
geschikte beschermende uitrusting dragen.
• Richt de uitlaatlucht zodanig dat er geen lucht of
afval van het werkstuk op de gebruiker of
omstanders wordt geblazen.
• Wees u bewust van zaken onder en om u heen
wanneer u op grote hoogte werkt.
• Wanneer het gereedschap niet in gebruik is,
moet u de luchttoevoer uitschakelen en de
trekker of hendel indrukken om de luchtdruk te
ontlasten.
• Als het gereedschap langere tijd niet zal worden
gebruikt, moet u het smeren, van de
luchttoevoerleiding loskoppelen en op een droge
plaats met matige temperatuur opbergen.
• Berg gereedschap dat niet in gebruik is op een
hoge, droge, vergrendelde plaats op, die niet
toegankelijk is voor kinderen.
Gevaren in de werkruimte kunnen letsel veroorzaken.
Risico van zwiepende persluchtslangen.
• Zorg dat de luchtleidingen stevig vastzitten.
• Controleer de luchtslang en fittingen regelmatig
op slijtage.
• Sluit een snelkoppeling niet rechtstreeks op het
gereedschap aan.
• Gebruik een schokabsorberende luchtslang (een
zogeheten ‘whip hose’) die niet langer dan
150 cm is.
Een zwiepende persluchtslang kan letsel veroorzaken.
Ongeoefende gebruikers kunnen een gevaar vormen.
• Zet het werkstuk waar mogelijk vast in een klem
of bankschroef.
• Gebruik het juiste gereedschap. Gebruik geen
gereedschap dat te zwaar of te licht is voor het
werk.
• Forceer het gereedschap niet.
• Bedien persluchtgereedschap met een
specifieke maximale luchtdruk uitgedrukt in
6,2 bar/620 kPa.
• Van gebruikers wordt verwacht dat zij veilige
werkmethoden toepassen en alle plaatselijke,
regionale en landelijke voorschriften in acht
nemen bij het installeren, gebruiken en
onderhouden van dit gereedschap.
Onjuist gebruik kan letsel veroorzaken.
Onjuist verrichte reparaties of nalaten onderhoud te
verrichten, kan een gevaar vormen.
• Verander het gereedschap niet en voer er geen
tijdelijke reparaties aan uit. Gebruik uitsluitend
authentieke Snap-on reserveonderdelen voor
onderhoud en reparatie. Service en reparaties
mogen uitsluitend door getraind personeel
worden uitgevoerd.
• Gebruik het gereedschap niet als het overmatig
trilt, ongewone geluiden maakt, losse
onderdelen heeft of andere tekenen van
beschadiging vertoont.
• Als het gereedschap niet naar behoren werkt,
staak het gebruik dan onmiddellijk en laat het
onderhouden of repareren. Als het niet praktisch
is om het gereedschap buiten dienst te stellen,
sluit dan de luchttoevoer naar het gereedschap
af, schrijf een waarschuwing op een etiket en
bevestig dit etiket aan het gereedschap.