EasyManua.ls Logo

LaserLiner Cubus - Page 33

LaserLiner Cubus
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
Cubus / Cubus G
33
A1
A2
2.
1.
A1
A3
A2
A2
A1
4.
3.
A3
A2
<
0,15 mm / m = OK
Wanneer bij de X- of Z-as het verschil tussen punt A2 en A3 groter is
dan aangegeven als tolerantie nl. 0,15 mm / m, is een afstelling nodig.
Neem hiervoor contact op met uw vakhandelaar.
!
Kalibratie controleren
3. Plaats het toestel zo dicht mogelijk tegen de wand ter hoogte van punt A1.
Richt het toestel uit op de X-as.
4. Draai het toestel vervolgens 180° en markeer punt A3. Het verschil tussen
A2 en A3 moet binnen de tolerantie van de nauwkeurigheid zitten.
5. Herhaal punt 3 en 4 voor de Y- en Z-as voor volledige controle.
Kalibratie controle voorbereiden
U kan de kalibrering van de laser controleren. Plaats het toestel in het
midden tussen twee muren die minstens 5 meter van mekaar verwijderd zijn.
Schakel het toestel aan. Voor een optimale controle een statief gebruiken.
BELANGRIJK: de Sensor-Automatic moet actief zijn (auto/slope-LED is uit).
1. Markeer punt A1 op de wand.
2. Draai het toestel 180° om en markeer het punt A2. Tussen A1 en A2
heeft u nu een horizontale referentie.
NL