‑ 58 ‑NL
Let op! Zorg ervoor dat de veiligheidsgordels strak om het lichaam van het kind lopen en
dat ze niet zijn gedraaid. Zorg ervoor dat de heupgordels laag lopen en het bekken van het
kind beschermen. De riemen moeten strak om het lichaam van het kind lopen, maar mogen
niet te strak zijn en ongemak veroorzaken.
VEILIGHEIDSGORDEL DEMONTEREN
1.
Zet de hoofdsteun in de hoogste stand en open het comparment voor de handleiding.
2.
Trek de bovenste aansluing van gordels (16) van de kunststof bevesging los en
verwijder vervolgens de gordels (a. 16)
3.
Maak de gordels zo los mogelijk (zie hoofdstuk DE SPANNING VAN DE
VEILIGHEIDSGORDEL AFSTELLEN) Belangrijk - sla dit punt niet over!
4. Schuif de gordels van een andere gordelsaansluing (zie: a. 14 en 15).
5. Rol en steek de gordels onder de stoen hoes (a. 16)
6. Trek de gesp door de bekleding van het kinderzitje en verberg hem in het opbergvakje
(a. 17)
7. Sluit de opslagcomparment voor gebruiksaanwijzing.
De gordels kunnen enkel worden verwijderd om de hoes te verwijderen.
Monteer de gordels in omgekeerde volgorde.
HOOFDSTEUN VERSTELLEN
1. Maak de schouderriemen zoveel mogelijk los.
2. Om de hoogte van de hoofdsteun te verstellen de hendel voor de hoogteverstelling
van de hoofdsteun (15) vastmaken en trekken.
3. Stel de gewenste hoogte van de hoofdsteun af (a. 5).
Let op! De hoogte van de schouderriemen is met de hoogte van de hoofdsteun geïntegreerd.
De hoofdsteun moet zo worden afgesteld dat de schouderriemen niet te hoog (ter hoogte
van de oorlijn of iets hoger) of te laag (bv. achter de rug van het kind) lopen. Zie: a. 6.
1. Hoofdsteun te laag afgesteld.
2. Hoofdsteun te hoog afgesteld.
3. Hoofdsteun correct afgesteld.
AUTOSTOELTJE ROTEREN
1. Om het kind comfortabel uit het autostoeltje te halen of te plaatsen:
• Schuif de rotaeknop van de basis 360º (10).
• Draai vervolgens het autostoeltje in gewenste richng (360º).
•
Wanneer de kenmerkende ‘klik’ hoorbaar is, betekent dit dat het autostoeltje in de