EasyManua.ls Logo

Lionelo Braam - Page 87

Lionelo Braam
140 pages
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
‑ 87 ‑ NL
Haal het schoudergedeelte van de gordels (D) door de rood gemarkeerde
schoudergordelgeleider (A).
Haal het heupgedeelte van de gordel door de rood gemarkeerde heupgordelgeleider (P).
Duw het stoeltje zo ver mogelijk in de bank van de auto. Trek de heupgordel naar de gesp
toe voor maximale spanning. Trek dan de schoudergordel aan om de rest van de gordel aan
te spannen. Zorg ervoor dat de gordels niet gedraaid zijn en houd het stoeltje stevig vast.
Plaats het kind in het autostoeltje en maak de veiligheidsgordels vast. (Zie: a. 21)
3.
Voorwaarts gerichte installae, kind wordt vastgemaakt met veiligheidsgordels
(groep II, III, 15 - 36 kg).
Verwijder de 5-punts veiligheidsgordels. (zie: a. 8 en 9)
Zet het stoeltje op de bank van de auto.
Draai het stoeltje achterwaarts naar de rijrichng en druk de draaiknop van de basis
360° (M) in (zie: a. 13).
Druk op de instelknop voor het stabilisaebeen (Y), schuif het been naar binnen en pas
de lengte aan zodat het zo kort mogelijk is en de indicator rood wordt weergegeven.
Plaats het kind in het autostoeltje.
Trek aan de autogordel.
Haal de schoudergordels (D) door de geleider in de hoofdsteun (A), rood gemarkeerd.
(Zie: a. 23)
Haal het heupgedeelte van de gordel door de rood gemarkeerde heupgordelgeleider (P).
Duw het stoeltje zo ver mogelijk in de bank van de auto.
Trek beide gordels door de rood gemarkeerde heupgordelgeleider (P) en maak de
gordels vast. (Zie a. 25)
Informae:
Controleer of de veiligheidsgordel over de schouder loopt en op de juiste afstand tussen
de nek en de schouder ligt – gemarkeerd met A en B (zie a. 22).
Na het vastmaken van de gordel hoort u hoort de kenmerkende “klik”.
Probeer het stoeltje te verplaatsen om de stabiliteit te controleren.
B. ISOFIX MONTAGE
4.
Achterwaarts gerichte installae, kind wordt vastgemaakt met veiligheidsgordels
(groep 0+, I, 0 - 18 kg).
Bevesg indien nodig ISOFIX bevesgingen (Z) aan de ISOFIX connectoren in de auto.
Ze maken het gemakkelijker om de ISOFIX bevesgingen van het stoeltje te bevesgen
als de autoverbindingen niet beschikbaar zijn.
Draai het stoeltje achterwaarts naar de rijrichng en druk de draaiknop van de basis
360° (M) in. (zie a. 13)

Related product manuals