NL
Controller statusindicatoren
Nr Status van de regelaar Beschrijving
1 Signaalsterkte-indicator springt
tussen sterk en zwak.
De controller verliest signaal.
2 De LED’s op de controller knipperen
langzaam, de afstandsbediening
piept en de batterij-indicator op
het LCD-scherm knippert.
De controller heeft een
ontladen batterij, sluit deze
aan voor het opladen.
3 De indicator voor het opladen van
de batterij is als volgt: , dDe
droneaccu raakt langzaam zonder
stroom.
Als de vlieghoogte van een
drone meer dan 30 meter
is en de afstand tussen de
drone en de controller meer
dan 100 meter bedraagt,
keert de drone terug naar
het punt dat als "thuis" is
gemarkeerd.
4 De batterij-indicator is als volgt:
en het apparaat geeft een
constante, lange pieptoon.
De dronebatterij is leeg. De
drone komt automatisch
terug als hij meer dan 15
meter hoog of meer dan 15
meter verderop is. Als de
afstand kleiner is, zal de
drone onmiddellijk beginnen
met landen.
5 De sterkte van het signaal op het
display geeft minder dan twee
balken aan of toont geen enkele,
het apparaat produceert een
constant, lang geluid.
1. De afstand tussen
de drone en de
afstandsbediening
is te groot, wat
resulteert in een slechte
signaalkwaliteit.
2. De droneaccu werd
verwijderd nadat
de drone was
gekoppeld met de
afstandsbediening.