TALAMEX SMART BATTERY CHARGER 10A
MANUAL 0012015/16
4
• Laadstroom keuze
Voor 12V accu laden is de standaard instelling 2A, door op de ‘mode’ knop te drukken kunt u de laadstroom
aanpassen naar 5A of 10A.
Voor 24V accu laden is de standaard instelling 2A, door op de ‘mode’ knop te drukken kunt u de laadstroom
aanpassen naar 5A.
• De laadstatus LED indicator geeft aan tot welk percentage de accu is geladen; 25%, 50%, 75% of 100%
1.Koppel de acculader los van de netstroom als de accu volledig is opgeladen. Koppel daarna de
acculader los van de accu.
Opmerking: Altijd eerst de netstroom loskoppelen voordat de acculader wordt gekoppeld of ontkoppeld
van de accu.
LAAD FASES
1.Diagnose & Recovery
Zodra de acculader het juiste accu voltage heeft herkend en u de gekozen laadstroom heeft geselecteerd zal
de acculader automatisch de status van de accu bepalen. Als een diep ontladen accu een voltage heeft van
4,5V ± 0,5V (voor 12V accu’s) of 16V ±0,25V (voor 24V accu’s) zal de acculader beginnen met een laag
amperage van 1,5A voor recovery (herstel), deze laadstroom stopt zodra de accu een voltage bereikt van 10,5V
± 0,5V (voor 12V accu’s) of 21V ± 0,25V (voor 24V accu’s) en zal dan automatisch starten met het normale
laadproces, deze 1
e
stap wordt overgeslagen als het voltage van de accu voldoende is en zal dan direct begin
met het onderstaande laadproces.
2. Bulk laden
80% van de accu wordt in dit deel van het proces geladen
Hierbij kan de acculader op diverse laadstromen worden ingesteld;
Voor 12V accu’s
Selecteer 2A voor langzaam laden, 5A voor gemiddeld en 10A voor snel laden.
Voor 24V accu’s
Selecteer 2A voor langzaam laden en 5A voor gemiddeld laden.
3. Absorptie laden
Het continu laden op vol vermogen voor langere periode heeft als risico het mogelijk gassen van de accu,
daarom schakelt de acculader naar een continu lage laadstroom van 1,5A om de accu volledig (nagenoeg
100%) op te laden. Het voltage stijgt hiermee van 28,2V naar 28,8V (voor 24V accu’s) en van 14,1 naar 14,4V
(voor 12V accu’s). Als deze voltages zijn bereikt zal de acculader automatisch omschakelen naar een
druppellaadstand.
4. Onderhouds laadstand (druppellaadstand)
De acculader controleert continu het terminal voltage om te bepalen of het laden in de onderhoudsstand moet
starten. Als het terminal voltage zakt onder de 25,6V (voor 24V accu’s) of 12,8V (voor 12V accu’s) zal de lader
het onderhouds laadproces starten met een continu laadstroom van 1,5A totdat de accu een voltage bereikt
van 28,8V (voor 24V accu’s) of 12,8V (voor 12V accu’s). Als dit voltage is bereikt zal de acculader de laadstroom
stoppen en het onderhouds laadstand proces weer opnieuw starten. Dit proces zal continu plaatsvinden
zolang de accu op de acculader is aangesloten en zo de accu in een goede conditie houden. De accu kan op
deze manier voor langere tijd aangesloten blijven zonder risico.