107
Veiligheidsaanwijzingen
Algemeen
■ Negeer of beschadig in geen geval de veilig-
heidsaanwijzingen.
■ Bewaar alle veiligheidsaanwijzingen en
instructies voor toekomstig gebruik. Gooi de
veiligheidsaanwijzingen niet weg.
■ Houd er bij het gebruik van het gereedschap
rekening mee dat de bevestigingselementen
van richting kunnen veranderen en hierdoor
letsel kunnen veroorzaken.
■ Houd uw vinger van de trekker, als u het
gereedschap op dat moment niet gebruikt en
van de ene werkpositie naar de andere gaat.
■ Houd alle lichaamsdelen, zoals handen en
benen, etc., uit de schietrichting en zorg dat
het bevestigingselement niet door het werkstuk
in lichaamsdelen kan komen.
■ Zorg dat u de veiligheidsaanwijzingen heeft
gelezen en begrepen, voordat u het ge-
reedschap aansluit, loskoppelt, vult, bedient,
onderhoudt, accessoires wisselt of in de buurt
van het gereedschap werkt. Het negeren
hiervan kan zwaar letsel tot gevolg hebben.
■ Plaats de spijkeruittrede-opening van het
gereedschap tijdens bedrijf correct op het wer-
koppervlak. Wordt de spijkeruittrede-opening
niet correct geplaatst, kunnen de bevestigings-
elementen worden weggeslingerd van het
werkoppervlak.
■ Houd het gereedschap stevig vast met uw
hand en wees voorbereid op de terugslag
hiervan.
■ Alleen bedieners met technisch ervaren bedie-
ners mogen het gereedschap gebruiken.
■ Voer geen wijzigingen uit aan het ge-
reedschap. Wijzigingen kunnen de werk-
zaamheid van de veiligheidsmaatregelen
verminderen en risico's voor de bediener, resp.
omstanders verhogen.
■ Gebruik geen gereedschap dat is beschadigd
of niet probleemloos werkt. Markeer het
gereedschap als defect en verwijder het
uit de werkomgeving, om verder gebruik te
verhinderen.
■ Wees voorzichtig bij de omgang met be-
vestigingselementen, vooral bij het vullen en
leegmaken, omdat de bevestigingselementen
scherpe punten hebben, die letsel kunnen
veroorzaken.
■ Controleer het gereedschap vóór gebruik
altijd op gebroken, verkeerd aangesloten of
versleten onderdelen.
■ Vermijd een abnormale lichaamshouding. Ge-
bruik het gereedschap alleen op een veilige
werkplek. Zorg dat u stevig staat en bewaar
altijd uw evenwicht.
■ Houd kinderen en omstanders uit de buurt (als
u werkt in een omgeving waar personenver-
keer waarschijnlijk is). Markeer uw werkomge-
ving duidelijk.
■ Richt het gereedschap nooit op uzelf of
anderen. Onbedoelde activeringen kunnen
tot zware ongevallen leiden. Zorg dat de
spijkeruittrede-opening niet op personen
is gericht als u het gereedschap aansluit,
bevestigingselementen laadt of verwijdert of
vergelijkbare werkzaamheden uitvoert.
■ Laat uw vinger niet op de trekker als u het
gereedschap optilt, u zich verplaatst tussen
werkomgevingen en werkplekken of als u
rondloopt met het gereedschap, omdat dit kan
leiden tot onbedoelde activering.
■ Draag alleen handschoenen, die voldoende
gevoel en een veilige controle van de trekker
en alle instelinrichtingen bieden.
■ Bij het niet gebruiken, de accu en de gaspat-
roon verwijderen.
■ Uitgebreide informatie m.b.t. correct onder-
houd vindt u altijd in de onderhoudsaanwi-
jzingen (onderhoud / verzorging) van het
gereedschap. Alleen gekwaliceerd perso-
neel mag het gereedschap repareren met
onderdelen die door Würth zijn geleverd of
aanbevolen of gelijkwaardige onderdelen.
■ Rook niet op de werkplaats en houd het
apparaat op afstand van vlammen, open vuur
of elektrische vonken.
■ Het apparaat mag niet in een natte of voch-
tige omgeving gebruikt worden. Het apparaat
niet aan regen blootstellen.
■ Controleer het gereedschap vóór gebruik op
het volgende:
• Gebruik van een geschikte stroombron, zie
Apparaatspecicaties.
• Probleemloze toestand van het ge-
reedschap.
• Geen verkeerd uitgelijnde of klemgeraakte
bewegende onderdelen.
• Dat is voldaan aan de voorwaarden
voor een correct en veilig gebruik van het
gereedschap.