EasyManua.ls Logo

Benning CM 9-1 - Page 43

Benning CM 9-1
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
10/ 2019
BENNING CM 9-1
34
BENNING CM 9-1.
Opmerking:
- In het lage spanningsbereik zal bij een open circuit de 0-V-aanduiding mo-
gelijk niet in het display verschijnen. Door de meetpennen even kort te slui-
ten kunt u de goede werking van het apparaat controleren.
Zieg.2: metenvangelijkspanning
Zieg.3: metenvanwisselspanning
8.3 Stroommeting
De ingangsbussen
J
en
K
van de BENNING CM 9-1 niet onder
spanning zetten! Verwijder eventueel de aangesloten veilig-
heidsmeetleidingen.
- Kies met de draaischakelaar
5
de gewenste instelling mA
of A
van de
BENNING CM 9-1.
- Activeer indien nodig de laagdoorlaatfilter (LPF) door de ZERO-toets
6
gedurende 2 seconden in te drukken.
- Druk op de „ZERO“ toets
6
voor nulinstelling.
- Druk op de openingshendel
4
en omvat de éénaderige, stroomvoerende
leiding, zoveel mogelijk in het midden van de tang
1
.
- Lees de gemeten waarde af in het display
9
.
8.3.1 Lekstroommeting aan de aardgeleider
Zieg.4: lekstroommetingaandeaardgeleider
8.3.2 Verschilstroommeting in 1-fase systemen
Zieg.5: verschilstroommetingin1-fasesystemen
8.3.3 Lekstroommeting via aardleider (ontlader) bij 3-fasen verzorging
Zieg.6: lekstroommetingviaaardleider(ontlader)bij3-fasenverzorging
8.3.4 Verschilstroommeting verbruikers 3-fase gevoed, zonder nul
Zieg.7: verschilstroommetingverbruikers3-fasegevoed,zondernul
8.3.5 Verschilstroommeting verbruikers 3-fase gevoed, met nul
Zieg.8: verschilstroommetingverbruikers3-fasegevoed,metnul
8.3.6 Wisselstoommeting
Zieg.9: metenvanwisselstroom.
8.4 Weerstandsmeting
- Kies met de draaischakelaar
5
van de BENNING CM 9-1 de functie .
- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de zwart gemerkte COM-
contactbus
J
van de BENNING CM 9-1.
- Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de rood gemerkte contactbus
V-Ω
K
van de BENNING CM 9-1.
- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten
van het circuit en lees de gemeten waarde af in het display
9
van de
BENNING CM 9-1.
Opmerking:
- Controleer, om zeker te zijn van een juiste meting, dat er geen spanning
staat op de meetpunten in het circuit.
Zieg.10: weerstandsmeting
8.5 Doorgangstest met zoemer
- Kies met de draaischakelaar
5
van de BENNING CM 9-1 de functie
en druk op de PEAK-toets
7
.
- Het zwarte veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de zwart gemerkte COM-
contactbus
J
van de BENNING CM 9-1.
- Het rode veiligheidsmeetsnoer inpluggen in de rood gemerkte contactbus
V-Ω
K
van de BENNING CM 9-1.
- Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren aan de meetpunten.
Alsdeweerstandtussendemeetpuntenlagerisdanca.45Ω,klinktdein
de BENNING CM 9-1 ingebouwde zoemer.
Zieg11: doorgangstestmetzoemer
9. Onderhoud
De BENNING CM 9-1 mag nooit onder spanning staan als het
apparaat geopend wordt. Gevaarlijke spanning!
Werken aan een onder spanning staande BENNING CM 9-1 mag uitsluitend

Related product manuals