Aansluitingen
U kunt meerdere bronnen
aansluiten op uw BeoPlayA8,
zowel via het dock als via het
aansluitpaneel of draadloos via
uw netwerk.
Verwder het achterpaneel om
toegang te krgen tot het
aansluitpaneel. Trek het paneel
onderaan los om de vergrendeling
los te maken en til het op. Het
productlabel bevindt zich op de
achterzde van de BeoPlayA8.
U vindt de instructies over het
instellen van de BeoPlayA8 op
een netwerk op het achterpaneel
of zie de snelstartgids.
Prioriteit van bronnen:
1. AirPlay
2. iPod/iPhone/iPad-dock
3. Bronnen aangesloten op
line-in
4. Bronnen aangesloten op USB
Een bron met hogere prioriteit
starten zal altd een bron met
lagere prioriteit onderbreken. Een
bron met hogere prioriteit moet
gestopt worden om een bron met
lagere prioriteit te kunnen starten.
Positieschakelaar
U moet de positieschakelaar in de
correcte positie plaatsen voor een
optimale geluidservaring:
FREE(bovenaan) … Gebruik deze
positie als de BeoPlayA8 op een
tafel of plank is geplaatst, niet
dicht b een muur.
WALL(midden) … Gebruik deze
positie als de BeoPlayA8 dicht
b een muur staat, bvoorbeeld
gemonteerd op de muurbeugel.
CORNER(onderaan) … Gebruik
deze positie als de BeoPlayA8 in
een hoek is geplaatst.
LINE-IN (R/L)
Phono-aansluitingen voor het
aansluiten van een externe
audiobron, bvoorbeeld een
mp3-speler.
Ethernet
Raadpleeg de snelstartgids voor
een bedrade verbinding. Ook
gebruikt voor software-updates,
zie de rubriek veelgestelde vragen
op www.beoplay.com/a8/support
voor meer informatie.
USB (mini)
Gebruik die om het apparaat aan
te sluiten op een computer om audio
af te spelen die is opgeslagen of
wordt gestreamd op uw computer.
Als Windows Media Player of
iTunes al actief is op uw computer
wanneer u de BeoPlayA8 aansluit,
moet u het afspelen stoppen en
vervolgens opnieuw starten.
~ Netvoeding
Gebruik alleen het meegeleverde
netsnoer.
(R) LINE-IN (L)
FREE
WALL
CORNER
POSITION
59
Bevestig om veiligheidsredenen het netsnoer achter het kleine pennetje
voordat u het uit het aansluitpaneel haalt.
OPGELET! Zorg ervoor dat de
kabelverbinding tussen het product
en de router het gebouw niet verlaat
om contact met hoogspanning te
vermden.