1. Houd de programmaknop vijf seconden ingedrukt. De
indicatoren van de tweede en derde speler zullen
knipperen.
2. Druk op de knop M1 of M2.
a. Als de knop M1 wordt ingedrukt, blijft alleen de indicator
van de derde speler knipperen.
b. Als de knop M2 wordt ingedrukt, blijft alleen de indicator
van de tweede speler knipperen.
3. Druk op het gewenste patroon van knoppen of richtingen.
Je kunt een patroon van maximaal 32 functiewisselingen
kiezen.
4. Druk opnieuw op de programmaknop om te verlaten. De
spelerindicator toont de status van de originele speler.
Volg de onderstaande stappen om knoppen of richtingen te
wissen die zijn gekoppeld aan de knop M1 of M2:
1. Houd de programmaknop vijf seconden ingedrukt. De
indicatoren van de tweede en derde speler zullen
knipperen.
2. Druk op de knop M1 of M2.
a. Als de knop M1 wordt ingedrukt, blijft alleen de indicator
van de derde speler knipperen.
b. Als de knop M2 wordt ingedrukt, blijft alleen de indicator
van de tweede speler knipperen.
3. Druk op de programmaknop. Hiermee worden alle
toebehorende knoppen of richtingen gewist.
OPMERKING: U kunt de knoppen M1 en M2 tegelijkertijd
wissen door de programmaknop acht seconden ingedrukt te
houden.
TURBOMODUS
Turbo kan worden gebruikt met de volgende knoppen: A / B /
X / Y / L / R / ZL / ZR.
Er zijn 2 soorten turbomodi: Normale turbo en superturbo.
Volg de onderstaande stappen om elk type in te schakelen:
1. Houd de turboknop ingedrukt en druk vervolgens op een
actieknop die je in de turbomodus wilt zetten.
2. Houd de turboknop ingedrukt en druk vervolgens
nogmaals op dezelfde actieknop om deze in
s perturbomodus te zetten.
3. Houd de turboknop ingedrukt en druk vervolgens opnieuw
op dezelfde actieknop om de turbomodus uit te schakelen.
54