146
gaat u naar de volgende instelfunctie. U kunt afzonderlijke instellingen
door herhaald drukken op de toets SET overslaan.
Indien gedurende ong. 10 seconden geen toets werd ingedrukt, verlaat
het apparaat de instelfunctie automatisch.
1. Als u kort drukt op de toets SET, terwijl het basisstation zich in de normale indi-
catie bevindt, gaat het apparaat naar de configuratiemode voor het display.
Het deel voor de weergave van de buitentemperatuur knippert.
2. Met de toets +/ -
resp. de toets MIN/MAX selecteert u, welke waarde op het
display wordt weergegeven. U kunt kiezen tussen de volgende indicaties:
• „TEMP“ = buitentemperatuur
• „WIND CHILL“ = windchill-temperatuur
• „DEW POINT“ = dauwpunt-temperatuur
3. Druk kort op de toets SET om de selectie te bevestigen en door te gaan naar het
volgende instelpunt. Het deel voor de weergave van de luchtdruk knippert.
4. Met de toets
+/ -
resp. de toets MIN/MAXkiest u tussen volgende indicaties:
• „rel“ = relatieve luchtdruk
• „abs“ = absolute luchtdruk
5. Druk kort op de toets SET om de selectie te bevestigen en door te gaan naar het
volgende instelpunt. Het deel voor de weergave van de windsnelheid gaat knip-
peren.
6. Met de toets
+/ -
resp. de toets MIN/MAX kiest u tussen volgende indicaties:
• Windsnelheid
• „Gust“ = Snelheid windvlagen
7. Druk kort op de toets SET om de selectie te bevestigen en door te gaan naar het
volgende instelpunt. Het deel voor de weergave van de hoeveelheid regen gaat
knipperen.
8. Met de toets
+/ -
resp. de toets MIN/MAX kiest u tussen volgende indicaties:
• „1h“ = hoeveelheid regen in 1 uur
• „24h“ = hoeveelheid regen in 24 uur
• „week“ = hoeveelheid regen in een week
• „month“ = hoeveelheid regen in een maand
• „Total“ = totale hoeveelheid regen