EasyManua.ls Logo

Energic Plus BC1 - Page 25

Energic Plus BC1
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
Nederlands Batterij lader BC1 Nederlands
D01001-02 49
LED Indicator
RODE LED toont aan dat de batterij in de initiële laadfase zit.
GELE LED toont aan dat de batterij voor 80% geladen is.
GROENE LED toont aan dat de batterij voor 100% geladen is.
Verdere informatie kan gevonden worden bij de beschrijving van de laadcurve.
Voorbeeld: de RODE LED die knippert toont een constante spanningsfase aan.
Alarm
De knipperende LED geeft aan dat een alarmsituatie is opgetreden:
Status Alarmtype Omschrijving (actie)
GROEN knipperlicht Tijdoverschrijding
Fase 1 met een duur die langer is dan de max.
toegestane duur. (Controleer de batterijcapaciteit).
ROOD-GEEL knipperlicht Batterijstroom
Verlies van outputstroomcontrole. (Fout van de
controlekaart).
ROOD-GROEN
knipperlicht
Batterijvoltage
Batterij is niet conform (controleer het nominale
voltage) of verlies van outputvoltagecontrole. (Fout
van de controlekaart).
ROOD-GEEL-GROEN
knipperlicht
Thermisch
Oververhitting van de semiconductoren. (Controleer
de werking van de ventilator).
GEEL-GROEN
knipperlicht
Selectie
Er werd een niet-beschikbare configuratie gekozen
(controleer de positie van de selectieknop)
In een alarmsituatie stopt de batterijlader met de stroomvoorziening.
Batterij
Een batterij wordt gekarakteriseerd door twee zaken: spanning en capaciteit.
Spanning:
Elk element heeft een nominale spanning, die afhangt van het type batterij
(ongeacht de grootte).
Teneinde een hogere spanning te bekomen, worden veel elementen
verbonden in serie, waardoor men een “BATTERIJ” elementen creëert.
Het aantal elementen wordt berekend door de nominale spanning van de
batterij te delen door de spanning van elk afzonderlijk element in de tabel:
Capaciteit:
Dit is de hoeveelheid elektriciteit die de batterijen kunnen leveren aan een extern circuit alvorens de
spanning afneemt onder de uiteindelijke minimumwaarde en deze wordt verkregen door de intensiteit
van de ontladingsstroom I, uitgedrukt in ampère (A) te vermenigvuldigen met de ontladingstijd t,
uitgedrukt in uren (h): C = I x t
De capaciteit van de tractiebatterij wordt normaal verwezen naar het ontladingssysteem 5h: C5 = I x
5h.
De capaciteiten die kunnen worden herladen door de batterijladers kunnen worden teruggevonden bij
de beschrijving van de laadcurve (deze waarde is niet aanwezig bij de curves die eender welke
capaciteit kunnen laden).
:
Dit toestel is conform met de Low Voltage richtlijn 73/23/EEC
Type
Nominale
Spanning
Pb 2 V/cel
NiCd 1,2 V/cel
NiMH 1,2 V/cel
NiZn 1,714 V/cel
8
0
%
1
0
0
%
S
T
A
R
T
Nederlands Batterij lader BC1 Nederlands
D01001-02 50
en de EMC richtlijn 89/336/EEC en hun latere wijzigingen.

Related product manuals