14
NL
Afb. B
12. Achterste huls
13. Voorste huls
3. BEDIENING
Klopboren vereist weinig druk van de
gebruiker. Overdadige druk kan er toe
leiden dat de motor onnodig overbelast
wordt en boren verbranden.
Zijgreep
Afb. A
De zijgreep (9) kan 360
0
rond de boorkop worden
gedraaid voor een veilige en comfortabele
bediening door zowel links- als rechtshandige
gebruikers.
draaien.
rechtsom te draaien
Verwisselen en verwijderen van boren
Afb. A - B
Verwijder, voordat u boren verwisselt, de
voedingsstekker uit het stopcontact.
Inspecteer de bits regelmatig tijdens het
gebruik. Botte bits moeten opnieuw
worden geslepen of vervangen.
(13) rechtsom te draaien en ondertussen de
achterste ring (12) vast te houden of linksom te
draaien en het boortje in de boorkopopening
te plaatsen.
(13) linksom te draaien en ondertussen de
achterste huls (12) vast te houden of rechtsom
te draaien. De boorkop beschikt over een
klikken wanneer de bit is vastgedraaid.
De diepteaanslag instellen
Afb. A
draaien.
klem van de zijgreep.
rechtsom te draaien
De aan/uit-schakelaar
Afb. A
uitgeschakeld.
de draaisnelheid te verhogen of minder in te
drukken om de snelheid te verlagen.
Vergrendelingsknop
Afb. A
de vergrendelingsknop (4) in te drukken.
de schakelaar te ontgrendelen.
Instellen van de maximum draaisnelheid
Afb. A
vergrendelingsknop (4) in te drukken.
om de gewenste maximale draaisnelheid in te
stellen.
De draairichting veranderen
Afb. A
Verander de draairichting niet tijdens
gebruik.
“ ”.
”.