38
NL
Gebruiksaanwijzing
4. Voor het reinigen van tapijt plaats je de reinigingsvoet met het microvezeldoekje in de tapijtglijder. Dit maakt het
gemakkelijker om de reinigingsvoet over het tapijt te bewegen.
Gebruik als draagbaar apparaat
1. Haal de stekker van de reiniger uit het stopcontact en zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Verwijder het
apparaat door op de ontgrendelknoppen te drukken en het apparaat te verwijderen (zie afb. C).
2. U kunt de verlengslang of de accessoire-adapter aansluiten op het onderste uiteinde van het hoofdtoestel totdat
deze vastklikt (zie afb. H).
3. Bevestig de verschillende hulpstukken aan de voorkant van de verlengslang of adapter en draai ze met de klok
mee tot ze vastklikken. Je kunt de verlengslang gebruiken om het bereik te vergroten.
4. Druk op de stoomknop aan de achterkant van de handgreep om de stoomfunctie te activeren. Er komt stoom vrij
zolang de knop ingedrukt wordt gehouden en er water in de schoonwatertank zit (zie afb. I).
5. Door op de modusschakelaar te drukken, kun je kiezen tussen verschillende dampsterktes.
Overzicht accessoires
Accessoires Afbeelding Toepassing
Verlengslang
Om het bereik of het exibele gebruik van de
accessoires te vergroten.
Raambevestiging met micro-
vezelhoes
Voor het reinigen van kleinere oppervlakken
zoals ramen / niet-gevoelig textiel.
Gezamenlijke borstel
Voor het reinigen van smalle voegen, bijv.
tegelvoegen.
Haaks mondstuk
Voor het reinigen van moeilijk bereikbare
plekken.
Kierenborstel
Voor hardnekkig vuil.
Ronde borstel
Hardnekkig vuil op krasbestendige oppervlakken.
Draadborstel
Hardnekkig vuil op krasbestendige oppervlakken.
Uitschakeling
Om de stoomreiniger uit te schakelen, schakelt u de stoomfunctie uit en trekt u de stekker uit het stopcontact.
Plaats het apparaat om af te koelen op een oppervlak waar het achtergebleven vocht geen schade kan veroorzaken. Laat het
apparaat volledig afkoelen.