‑ 44 ‑NL
GROEP I (9 - 18 kg)
Voor deze gewichtsgroep wordt het stoeltje voorwaarts gericht gemonteerd. Het kind is
vastgemaakt met de kinderveiligheidsgordel. Rugleuningposie: 1, 2, 3.
1. Verwijder de lendensteun en, indien nodig, het verhogingskussen.
2.
Plaats het stoeltje op de autostoel. Zorg ervoor dat het stoeltje stevig tegen de rugleuning
van de autostoel is bevesgd (a. 18).
3. Haal het schoudergedeelte van de autogordel door de gordellus (12) door deze met
uw vinger te verschuiven (a. 19).
4.
Rijg de autogordel door de rode geleider aan de basis aan beide zijden van de zing (17).
5. Maak de riem vast en trek hem zo strak mogelijk aan (a. 20).
6. Plaats het kind in het stoeltje en maak het stoeltje vast met de autogordel (a. 21).
GROEP II en III (15 - 36 kg)
Voor deze gewichtsgroep wordt het stoeltje voorwaarts gericht gemonteerd. Het kind wordt
vastgemaakt met de veiligheidsgordels van de auto. Rugleuningposie: 1, 2, 3.
1. Verwijder de vijfpuntsgordels van de stoel.
2. Plaats het stoeltje op de autostoel. Zorg ervoor dat hij goed in de zing van uw auto
past (a. 18).
3. Laat uw kind in het stoeltje zien.
4. Maak de riem vast.
5. Trek het schoudergedeelte van de autogordel door de geleider in de hoofdsteun (1) en
het heupgedeelte door de rode geleider (7) op de stoel (a. 22).
6. Zorg ervoor dat het schoudergedeelte door het sleutelbeen van het kind gaat en niet
door de nek.
7. Pas de hoogte van de hoofdsteun dienovereenkomsg aan.
ONDERHOUD EN SCHOONMAAK
1.
Controleer de stoel regelmag op beschadigingen. Neem in geval van een afwijking
contact op met de servicedienst van de producent.
2. Voorkom blootstelling van het stoeltje aan direct zonlicht.
3.
De bekleding kan worden gewassen in warm water (30 C) met zeep of een mild
wasmiddel. Droog de bekleding niet in de zon.
4.
Maak de gesp, de veiligheidsgordels en de plasc onderdelen schoon met warm water.
Gebruik geen detergenten.
De foto’s zijn slechts voor illustrae, het daadwerkelijke uiterlijk van de producten kan
verschillen van het getoonde op de foto’s.