47
NL BE
Bedenk dat het niet noodzakelijk is
om de planten te verbranden.
Gewoon verhitten is voldoende om het on-
kruid uit te drogen en zo te verdelgen.
Het apparaat in- en
uitschakelen
Het apparaat inschakelen:
1. Vorm van het uiteinde van het ver-
lengsnoer een lus en hang deze in de
hiervoor bestemde trekontlasting op de
2. Steek de netstekker in een passend
stopcontact.
3. Schakel het apparaat in door op de
Het apparaat bereikt na circa 1 minuut
de volle bedrijfstemperatuur.
Het apparaat uitschakelen:
1. Als u het apparaat wilt uitschakelen
2. Plaats het apparaat na gebruik altijd
vuurvaste ondergrond, totdat het appa-
raat is afgekoeld.
3. Haal de stekker uit het stopcontact.
Gebruik van de
mondstukken
Om brandwonden te voorkomen,
moeten het voorzetmondstuk
(
-
koeld voordat u voorzetmondstukken ver-
wisselt.
De mondstukken kunnen voor ver-
schillende doelen worden gebruikt.
hanteren van het apparaat.
Reductiemondstuk
Zet het reductiemondstuk (
luchtuitblaas (
-
tiemondstuk (
reductiemondstuk (
op de hitteontwikkeling op de te bewerken
op dezelfde plek blazen, om een overver-
hitting van het werkstuk te voorkomen.
Diffusiemondstuk
Zet het diffusiemondstuk (
luchtuitblaas (
Gebruik het diffusiemondstuk (
een verspreide hitte.
Het mondstuk is uitstekend geschikt om
stickers of verf los te weken.
hitteontwikkeling op die plekken naast de
te bewerken plek. Zorg ervoor dat aanpa-
lende onderdelen niet oververhit raken.
Spatelmondstuk
Zet het spatelmondstuk (
luchtuitblaas (
De spatelvorm van het mondstuk dient voor
het gericht blazen van hete lucht op ge-
verfde en verniste oppervlakken. U kunt de
van een spatel en een schraper. Het spatel-
mondstuk (