EasyManua.ls Logo

Aritech DDI602AM - De detector aansluiten; Voorbeeldberekening TEOL enkelvoudig gelust; Voorbeeldberekening DEOL enkelvoudig gelust; Multibeam-uitlijning en -maskering

Aritech DDI602AM
48 pages
Print Icon
To Next Page IconTo Next Page
To Next Page IconTo Next Page
To Previous Page IconTo Previous Page
To Previous Page IconTo Previous Page
Loading...
P/N 146655999-1 (ML) • REV G • ISS 14DEC20 29 / 48
5. Volg de onderstaande stappen nadat de detector is
uitgelijnd, aangesloten en geprogrammeerd conform de
installatie-eisen:
a. Plaats de voorklep op de sokkel van de detector.
b. Draai de borgschroef losjes aan.
c. Plaats de bovenzijde van het
vergrendelingsgereedschap in de kleine uitsparingen
aan weerszijden van de voorklep. Duw het
gereedschap zacht omlaag zoals weergegeven in
afbeelding 5, totdat de voorklep vastklikt op de sokkel.
d. Draai de borgschroef van de voorklep goed vast.
De detector aansluiten
De DDI602AM is voorzien van jumpers waarmee u waarden
voor de interne drievoudige eindelusweerstanden (TEOL) kunt
configureren, als deze weerstanden vereist zijn. De waarden
zijn: 1; 2,2; 3,3; 4,7; 5,6 en 6,8 kΩ voor Alarm en Tamper
(sabotage) (DEOL-weerstanden). De waarden zijn 2,2; 3,3;
4,7; 5,6 en 10 kΩ voor Fault/A Mask (storing/antimaskering).
Wanneer u TEOL-aansluitingen gebruikt: plaats de TEOL-
jumper en selecteer de drie vereiste weerstandswaarden voor
Fault/A Mask, Alarm en Tamper.
Wanneer u DEOL-aansluitingen gebruikt: verwijder de TEOL-
jumper en selecteer de twee vereiste weerstandswaarden voor
Alarm en Tamper.
Afbeelding 15 toont:
1. TEOL-weerstandsjumpers
2. Aansluitpunten
3 TEOL ingeschakeld, gecombineerd met een jumper op de
vereiste weerstand.
Legenda afbeelding 15
J TEOL
Jumper voor inschakelen TEOL. Afbeelding 15a, item 1.
Ja
Jumper voor instellen EOL-weerstandswaarde voor Alarm.
Afbeelding 15a, item 2.
Jt
Jumper voor instellen EOL-weerstandswaarde voor stand-
by. Afbeelding 15a, item 3.
Jf
Jumper voor instellen EOL-weerstandswaarde voor Fault.
Afbeelding 15a, item 4.
Eventueel kunt u de jumpers verwijderen en zelf een
weerstand rechtstreeks aansluiten op de uitgangen voor
Alarm, Tamper of Fault/A-mask, zoals gespecificeerd voor
apparatuur van andere fabrikanten.
Het bedradingsschema in afbeelding 15 laat zien hoe de
detector moet worden aangesloten. Hieronder volgen enkele
voorbeelden voor het berekenen van de waarden voor DEOL
en TEOL.
Voorbeeldberekening TEOL enkelvoudig gelust
Gebeurtenis
Standaardwaarde
(Ohm)
BEREKENING
TAMPER
(KORTGESLOTEN)
0
GESLOTEN CIRCUIT
STANDBY
4K7
Rt
ALARM
9K4
Rt + Ra
FAULT
14K7
Rt + Rf
ANTI MASK
19K4
Rt + Ra + Rf
TAMPER (OPEN)
Oneindig
OPEN CIRCUIT
Voorbeeld met weerstanden 4k7 (Tamper), 4k7 (Alarm) en 10k
(Fault/A-M), ook TEOL-jumper geselecteerd. Verwijder alle
jumpers voor geïsoleerde uitgangen.
Voorbeeldberekening DEOL enkelvoudig gelust
Gebeurtenis
Standaardwaarde
(Ohm)
BEREKENING
SABOTAGE
(KORTGESLOTEN)
0
GESLOTEN CIRCUIT
STANDBY
4K7
Rt
ALARM
9K4
Rt + Ra
SABOTAGE (OPEN)
Oneindig
OPEN CIRCUIT
Voorbeeld met weerstanden 4k7 (Tamper) en 4k7 (Alarm).
Verwijder alle jumpers voor geïsoleerde uitgangen.
Tabel 1: Aansluitingen
Aansluiting
Label
Beschrijving
1
LED
LED inschakelen op afstand
2
TEST
TEST-invoer op afstand
3, 4
FAULT /
MASK
Storing-/antimaskeringsrelais normaal
gesloten
4, 5
TEOL
Drievoudige eindelusweerstanden
(TEOL)
5, 7
DEOL
Dubbele eindelusweerstanden (DEOL)
5, 6
ALARM N/C
Alarmrelais, normaal gesloten
7, 8
TAMPER N/C
Sabotagerelais, normaal gesloten
9, 10
ALARM N/O
Alarmrelais, normaal open
11, 12
+, − 12V DC
Voeding, 12 V DC
Multibeam-uitlijning en -maskering
De multifunctionele lens in de DDI602AM produceert zeven
beams met een ver bereik en zeven PIR-gordijnbeams met
een gemiddeld tot kort bereik. Het PIR-circuit detecteert
wijzigingen in warmte en beweging binnen het
stralingspatroon; houd daarom bij het plaatsen van de detector
rekening met objecten zoals bomen, struiken, vijvers en
schoorsteenpijpen en bewegingen van dieren. De radarmodule
detecteert daadwerkelijke bewegingen naar de detector toe of
ervan af, en is geprogrammeerd om alle objecten te negeren
die zich buiten het ingestelde detectiebereik bewegen.
De detectormodule is voorzien van twee gordijnmaskers
waarmee de detectiehoek kan worden verkleind.
De gordijnmaskers worden op de draai- en kantelmodule
geplaatst zoals weergegeven in afbeelding 6. Elke sectie van
de detectorlens heeft een dekkingspatroon van ongeveer 10
graden.
Een extra set gordijnmaskers wordt meegeleverd om het
beampatroon nog verder te verkleinen, als bijvoorbeeld de
kleinste detectiehoek van 10 graden noodzakelijk is.
Wanneer de dekking groter is dan het gewenste
detectiegebied, kunt u de module naar behoefte aanpassen.
Door verticale of horizontale beams te maskeren, wordt dan
ongewenste detectie voorkomen.
Breng delen van de zelfklevende, zilverkleurige maskering aan
op de gladde achterzijde van de lens, zoals getoond in
afbeeldingen 9 t/m 12. Til voorzichtig de bovenste en onderste
randen van de draai- en kantelmodule op om de lens los te
maken. Als u de lens wilt terugplaatsen, schuift u eerst één

Table of Contents

Related product manuals