65
• Positioneer alle kabels netjes en rechtlijnig in de computer. Let erop dat de kabels niet geplet of
op andere wijze beschadigd kunnen raken. Bescherm de kabels tegen de scherpe hoeken van
de computerbehuizing. Let erop dat de kabels niet in een ventilator terecht kunnen komen.
Gebruik b.v. kabelbinders om de kabels in de computerbehuizing te fixeren.
• Controleer of de Power toets aan de voorkant van uw ATX behuizing met de betreffende
aansluiting van het moederbord verbonden is.
Het inschakelen via de netschakelaar zal namelijk niet ervoor zorgen dat de computer
inschakelt (kan evt. in het BIOS aangepast worden)!
• Sluit de behuizing van uw computer en verbind hem opnieuw met de andere apparaten, kabels
en het toebehoren.
• Verbind nu de computer met de netspanning en schakel de ATX voeding via de netschakelaar aan
de achterkant van de voeding in.
De computer zal nu nog niet opstarten. Druk hiertoe kort op de Power toets aan de
voorkant van uw ATX behuizing om de computer in te schakelen.
• Indien uw computer niet correct opstart, moet u hem direct weer uitschakelen en alle instellingen
en kabelverbindingen controleren.
Vooraleer u de behuizing ter controle opent, mag u niet vergeten om alle
apparaten uit te schakelen en van de netspanning los te koppelen. Het is niet
voldoende om de apparaten via de netschakelaar uit te schakelen! Haal de
stekker uit de contactdoos!