6 7
DE METER INSTELLEN
Voordat u uw meter voor de eerste keer gebruikt of
als u de batterij van uw meter vervangt, moet u de
volgende instellingen controleren en bijwerken:
De instelmodus openen (a)
Begin met de meter uitgeschakeld (geen teststrip
plaatsen). Druk op de S knop naast de batterijen.
1. De datum instellen
De volgorde van de datuminstelling is: JAAR
➞ MAAND ➞ DAG. Terwijl JAAR/MAAND/DAG
achter elkaar knipperen, drukt u op M om de
juiste instelling te selecteren. Druk hierna op S.
2. De tijdnotatie instellen
Druk op de hoofdknop M aan de voorzijde
van de meter om de gewenste tijdnotatie te
selecteren (12- of 24 uur). Druk hierna op S.
3. De tijd instellen
Terwijl UUR/MINUUT achter elkaar knipperen,
drukt u op M tot het juiste tijdstip verschijnt.
Druk hierna op S.
4. Het geluid aan/uitzetten
Met de geluidsinstelling op het display drukt u
op M om te wisselen tussen “AAN” en “UIT”. Druk
hierna op S.
5. Het herinneringsalarm instellen
Uw meter heeft vier instellingen voor het
herinneringsalarm. De meter geeft “AAN” of
“UIT” and
. Als u geen herinneringsalarm
wilt instellen, druk dan op S om deze stap over
te slaan. Of druk op M om “AAN” te selecteren en
druk ver volgens op S.
Terwijl de UREN/MINUTEN achter elkaar
knipperen, drukt u op M om het juiste UUR/
MINUTEN te selecteren. Druk hierna op S en ga
verder naar de volgende alarminstelling.
LE T OP: Als het alarm afgaat drukt u op M
om deze uit te schakelen; of het alarm gaat
2 minuten af en wordt dan automatisch
uitgeschakeld.
6. De Bluetooth® functie inschakelen
(Bluetooth® is optioneel)
Als “bt” op het display staat drukt u op M en
selecteer “AAN” of “UIT”. Druk hierna op S.
LET OP: Deze functie verwijst naar de
Bluetooth® gegevensoverdracht. If you select
“AAN” is geselecteerd , dan worden de resultaten
direct na de test verzonden.
OPMERKING:
• Deze parameters kunnen ALLEEN worden
gewijzigd in de instelmodus.
• Als de meter 3 minuten niet wordt gebruikt
tijdens de instelmodus, dan wordt hij
automatisch uitgeschakeld.
DE MEETMODI
Voor bloedglucosetesten
De meter geeft u drie manieren voor het meten:
General (algemeen), AC (voor de maaltijd) en PC
(na de maaltijd). U kunt als volgt overschakelen
tussen deze modi:
1. Start met de meter uitgeschakeld. Plaats
een bloedglucoseteststrip om de meter in
te schakelen. Het display geeft “
”, een
knipperende “
” en “GLU” weer.
2. Druk op M om over te schakelen tussen General,
AC en PC.
Voor β-ketonentesten
De meter geeft u één manier voor het meten: Gen.
U start met de meter uitgeschakeld. Plaats een
β-ketonen teststrip om de meter in te schakelen.
Het display geeft “
”, een knipperende “ ”,
“Gen” en “KET” weer.