30
NL
1 Technische specificatie
2 Veiligheid
3 Installatie
4 Werking
5 Onderhoud
6 Lijst met reserveonderdelen
7 EG-Fabrikantenverklaring
Deze bedieningshandleiding moet te allen tijde toegankelijk zijn
voor het bedieningspersoneel. Lees deze handleiding vóór de
montage en in bedrijfstelling van de ventilator zorgvuldig door.
Wijzigingen voorbehouden. In geval van twijfel is overleg met
de fabrikant noodzakelijk.
Dit document is auteursrechtelijk beschermd en mag zonder
onze uitdrukkelijke schriftelijke toestemming niet aan derden ter
beschikking worden gesteld. Elke vorm van vermenigvuldiging
of overnemen als ook opslaan in het geheugen van een
computer is niet toegestaan.
De onderstaande gegevens hebben betrekking op de serie-
uitvoering. Uw ventilator kan daarvan afwijken (zie typeplaatje).
Typeplaatje
Voor de aansluiting, het onderhoud en het bestellen van reser-
veonderdelen zijn uitsluitend de gegevens op het typeplaatje
bepalend.
Speciale uitvoeringen
Met temperatuurbeveiliging: transportmedium tot max. +180°C.
Onze ventilatoren onderscheiden zich door grote mate van
betrouwbaarheid. Omdat het bij ventilatoren gaat om zeer
krachtige machines moeten, om verwondingen en beschadigin-
gen van voorwerpen of de machine zelf te voorkomen, de vol-
gende veiligheidsrichtlijnen strikt worden opgevolgd.
2.1 Zuigwerking
Ventilatoren veroorzaken een sterke afzuiging.
Waarschuwing!
Bij de zuigopening kunnen voorwerpen, kleding-
stukken en ook haren worden aangezogen.
Gevaar voor verwonding!
Men mag zich tijdens de werking niet in de buurt
van de zuigopening ophouden.
Het veiligheidsrooster aan de zuigzijde mag alleen
worden verwijderd, wanneer in plaats daarvan een
slang of pijp met een minimale lengte van 1 m wordt
aangesloten. De ventilator nooit met een geopende
zuigopening laten draaien (gevaar van verwonding
door de bladen!).
2.2 Blaaswerking
Waarschuwing!
Zeer sterke blaaswerking aan de blaasopening. Aan-
gezogen voorwerpen kunnen met hoge snelheid naar
buiten worden geslingerd (gevaar voor verwonding!).
Ventilatoren zijn uitsluitend geschikt voor het ver-
plaatsen van schone lucht. Het aanzuigen van
vreemde voorwerpen of verontreinigingen, die naar
buiten kunnen worden geblazen, moeten zonder
meer worden uitgefilterd voordat deze de ventilator
kunnen bereiken.
De ventilator mag nooit met een open blaasopening
worden gebruikt en moet daarom met een veiligheids-
rooster conform DIN EN ISO 13857 worden afgedekt.
Nooit in de blaasopening grijpen.
2.3 Temperatuur
Waarschuwing!
Tijdens de werking neemt de ventilatorbehuizing de
temperatuur van het te verplaatsen medium aan.
Wanneer deze temperatuur meer dan +50°C bedraagt,
moet de ventilator door de gebruiker tegen aan-
raken worden beveiligd (gevaar voor verbranding!).
2.4 Motorbeveiligingsschakeling
Voor de inbedrijfstelling van de ventilator moet de aandrijfmotor
worden beveiligd met een motorbeveiligingsschakelaar.
2.5 Reglementair gebruik
De ventilatoren zijn uitsluitend geschikt voor het verplaatsen
van schone lucht.
De toepassing met
● agressieve,
● giftige,
● explosieve of
● zeer vochtige
media is niet toegestaan.
De maximale temperatuur van het te verplaatsen medium mag
niet meer dan +80°C bedragen. Vaste stoffen of verontreiniging
in het te verplaatsen medium moeten voordat deze de ventilator
kunnen bereiken worden uitgefilterd. De maximale omgevings-
temperatuur mag niet hoger zijn dan +60°C, de minimale
omgevingstemperatuur mag niet lager zijn dan –20°C. De venti-
lator is niet geschikt voor plaatsing in een explosiegevoelige
omgeving. Op aanvraag zijn speciale uitvoeringen voor een andere
toepassing dan de bovengenoemde beschikbaar. Het ombou-
wen van en veranderingen aanbrengen aan de ventilator is niet
toegestaan.
Bij speciale apparaten dienen de aanwijzingen in de apart bij-
gevoegde additionele handleiding in acht te worden genomen en
te worden opgevolgd. Deze wijkt in enkele punten af van deze
handleiding.
Inhoud
1 Technische specificatie
2 Veiligheid
RD 62 RD 64 RD 65
27,5 26,5 35 35 45 52
3000 3300 3100 3400 2300 3250
3000 3600 3000 3600 3000 3600
2800 3360 2825 3390 2875 3450
230/ 277/ 230/ 277/ 230/ 277/
400 480 400 480 400 480
50 60 50 60 50 60
5,0/ 5,0/ 6,2/ 6,2/ 8,7/ 8,7/
2,85 2,85 3,6 3,6 5,0 5,0
1,1 1,32 1,5 1,8 2,2 2,65
33 33 40,5 40,5 42 42
Luchtopbrengst
[m
3
/min]
Total drukverschil
[Pa]
Max. toelaatbaar
ventilatortoerental
[omw/min]
Motortoerental
[omw/min]
Spanning
[V]
Frequentie
[Hz]
Stroomopname
[A]
Motorvermogen
[kW]
Gewicht
[kg]