NL/BE 55
Bij verder gebruik start het toestel op hetzelfde
ventilatieniveau dat tijdens de laatste bediening
werd geselecteerd.
Als de netadapter
17
tussentijds wordt losge-
koppeld, start het apparaat opnieuw op in
ventilatieniveau "003".
Opmerking: Tijdens de werking blijft het display
ongeveer 20 seconden branden voordat het display
uitgaat en overschakelt naar de stand-bymodus.
5.2 Schakel het apparaat uit
Druk op de knop
1
om het apparaat na
gebruik terug te zetten in de stand-bymodus.
OPMERKING: Het apparaat schakelt uit terwijl
het display
4
ongeveer 10 seconden lang "000"
weergeeft en schakelt dan ook uit.
5.3 Bedrijfsmodus selecteren
Om een bedrijfsmodus te wijzigen, drukt u her-
haaldelijk op de knop
6
totdat de gewens-
te modus wordt weergegeven op het display
4
. Je kunt kiezen uit de modi power, sleep en
nature.
5.4 Ventilatieniveaus selecteren
Druk herhaaldelijk op de knop
2
om het
gewenste ventilatieniveau te bereiken.
Je kunt kiezen uit 20 verschillende ventilatieni-
veaus.
Het gewenste ventilatieniveau wordt direct over-
genomen.
Weergave
Bedrijfsmodus
-P-
Vermogensmodus
Het apparaat schakelt over naar
he
t hoogste niveau van de ventila-
tiemodus
Weergave
Bedrijfsmodus
-S-
Slaapstand
De maximale snelheid in de
slaapstand is niveau 10. In de
slaapstand wordt de snelheid met
4 niveaus verlaagd en na 10 secon
-
den met 2 niveaus verhoogd en na
no
g eens 10 seconden nogmaals
met 2 niveaus. Daarna wordt de
ingestelde snelheid weer bereikt.
Dit interval duurt 30 minuten. Na
deze tijd verlaagt het apparaat
de snelheid telkens met 2 niveaus.
Dit wordt herhaald tot niveau 2 is
bereikt.
-n-
Natuurmodus
Simulatie van natuurlijke wind-
vlagen. Om de 10 seconden
wordt de snelheid verminderd of
verhoogd met 4 niveaus van het
ingestelde ventilatieniveau.
Opmerking: De laagste snelheid
die kan worden ingesteld in de
natuurmodus is dus niveau 5 en de
hoogste snelheid is niveau 16.
5.5 Timer-functie
De timer wordt gebruikt om het apparaat automa-
tisch uit te schakelen na een vooraf ingestelde tijd.
De timerfunctie kan worden ingesteld in intervallen
van maximaal 8 uur.
Druk tijdens het gebruik op de knop
5
om
de timerfunctie te activeren. De urenindicator
licht op.
Druk herhaaldelijk op de knop
5
om het
gewenste uur in te stellen.
Wacht ongeveer 10 seconden tot de instellin-
gen worden geaccepteerd.
Na een succesvolle overdracht keert het scherm
terug naar de huidige ventilatorsnelheid.