o Deactiveer de X1-sirene door op de CONNECT-knop op de X1-sirene of de Deactiveringsknop op
de afstandsbediening te drukken.
o Het verwijderen van alle sensoren uit zone 3:
▪ Druk op de X1-sirene 5 seconden op de CONNECT-knop. U hoort een pieptoon en alle vier de
LED's gaan branden.
▪ Druk op de X1-sirene driemaal kort op de CONNECT-knop om zone 3 te selecteren. De LED
van zone 3 gaat branden.
▪ Druk op de X1-sirene 5 seconden op de CONNECT-knop. Hierdoor worden alle sensoren uit
zone 3 gewist. U hoort vier piepjes ter bevestiging en de LED knippert vier keer.
Sluit nu de deursensor aan op zone 1:
▪ Druk op de X1-sirene 5 seconden op de CONNECT-knop. U hoort een pieptoon en alle vier de
LED's gaan branden.
▪ Druk op de X1-sirene eenmaal op de CONNECT-toets 1 om zone 1 te selecteren. De LED van
zone 1 gaat branden.
▪ Activeer de deursensor door de magneet van de sensor weg te halen. U hoort twee piepjes
en de LED van zone 1 knippert twee keer.
▪ Sla de instelling op de X1-sirene op door kort op de aan/uit-knop te drukken.
De deursensor is nu uit zone 3 verwijderd en weer op zone 1 aangesloten.
Afstandsbedieningen loskoppelen
BELANGRIJK: Met deze procedure ontkoppelt u alle afstandsbedieningen. Sluit de afstandsbedieningen
opnieuw aan als u de X1-sirene via een of meer afstandsbedieningen wilt bedienen.
o Deactiveer de X1-sirene door op de CONNECT-knop op de X1-sirene of de Deactiveringsknop op
de afstandsbediening te drukken.
▪ Druk op de X1-sirene 5 seconden op de CONNECT-knop. U hoort een pieptoon en alle vier de
LED's gaan branden.
▪ Druk op de X1-sirene nogmaals 5 seconden op de CONNECT-knop. U hoort vier piepjes en
alle LED's knipperen snel vier keer.
▪ Druk op de X1-sirene kort op de Aan/Uit-knop om de nieuwe instellingen op te slaan.
Alle afstandsbedieningen zijn nu losgekoppeld van de X1-sirene. Om een afstandsbediening
opnieuw aan te sluiten, raadpleegt u het hoofdstuk "Uitbreiding van uw systeem -
Afstandsbedieningen aansluiten".
8. Levensduur van de batterij; lage batterijspanning
De verwachte levensduur van de batterij van alle systeemcomponenten is 10-12 maanden onder
normale omstandigheden. We raden aan om de batterijen regelmatig te controleren en ze minstens
één keer per jaar te vervangen. Gebruik altijd alkalinebatterijen.
Vervang de batterijen wanneer u het volgende opmerkt:
X1-sirene: Je hoort 3 piepjes om de 20 seconden.
Deursensoren: Het rode LED-lampje van de sensor knippert of brandt continu.
PIR-bewegingssensoren: Het indicatielampje aan de voorzijde brandt continu.