NL
44 PRO 350 | PRO 450
Ingebruikname
4.2 Vullen met gebruiksvloeistoffen
WAARSCHUWING!
Brand- en explosiege-
vaar
Benzine en olie zijn zeer
gemakkelijk ontvlambaar.
Een brand kan dodelijk let-
sel tot gevolg hebben.
■
Vul de motor uitsluitend
in de vrije buitenlucht
met benzine en olie, uit
de buurt van open vuur
of warmtebronnen.
■
Vervang de tank of tankdop onmiddellijk wan-
neer deze beschadigd is/zijn.
■
Tankdop altijd stevig sluiten.
■
Wanneer er benzine is uitgelopen:
■
De motor niet starten.
■
Startpogingen voorkomen.
■
Reinig de gazontrekker en motor.
■
Gemorste brandstof kan op kunststofon-
derdelen tot beschadigingen leiden: Veeg
de brandstof meteen weg. De garantie
dekt geen schade, die is veroorzaakt
door op de kunststofonderdelen gemors-
te brandstof.
4.2.1 Motorolie bijvullen (02)
Aanbevelingen voor oliegebruik
Motorolie vervult een doorslaggevende rol bij de
prestaties en de levensduur van de motor.
■
Gebruik uitsluitend motorolie die voldoet aan
de eisen volgens API-serviceklasse SF of ho-
ger (resp. gelijkwaardig).
■
Controleer het API-service-etiket op de olie-
verpakking om zeker te zijn dat hierop de let-
ters SF of letters voor een hogere klasse
(resp. gelijkwaardig) vermeld staan.
Olie van het type SAE 10W-30 (multigrade olie)
wordt aanbevolen voor algemeen gebruik. Het
aanbevolen bereik voor omgevingstemperatuur
bij deze motor bedraagt 0°C tot 40°C.
LET OP!
Gevaar voor beschadi-
ging van de motor
Het gebruik van olie van
type SAE 30 (single grade
zomerolie) bij temperatu-
ren lager dan +5°C kan tot
beschadiging van de motor
leiden, vanwege onvol-
doende smering.
■
Gebruik uitsluitend de
voor uw motor aanbevo-
len motorolie.
Olie bijvullen
OPMERKING
Laat het oliepeil niet stijgen tot boven
het MAX-peil. Te veel olie leidt tot:
■
Rook in het uitlaatgas
■
Vervuiling van de bougie of het
luchtfilter
Wanneer nog geen olie in de motor aanwezig is:
1. Schenk de motorolie in een geschikte beker.
2. Schroef de peilstok (02/1) uit de olievulope-
ning (02/2).
3. Giet de olie langzaam en in kleine hoeveel-
heden in de olievulopening. Gebruik hiervoor
een trechter (niet inbegrepen in de levering-
somvang van de motor). De benodigde olie-
hoeveelheid bedraagt:
■
AL-KO PRO 350: max. 0,8l
■
AL-KO PRO 450: max. 1,2l
4. Onderbreek het vullen met olie meermaals
om het oliepeil te controleren. De markering
MAX (02/3) mag niet worden overschreden
(zie Hoofdstuk 4.2.2 "Oliepeil controleren
(02)", pagina45).
5. Steek de oliepeilstok weer in de motor en
schroef deze stevig vast.
6. Veeg eventueel gemorste olie weg.