82
Montage- en gebruiksaanwzing
Aanwijzing
Ophetapparaatkunnendiversesensorenwordenaangesloten,ziege-
bruiksaanwijzingvandebetreffendesensor.
• Zonnesensor (Zonnesensor voor zon-windbesturing Centronic SensorCon-
trol SC41)
• Windsensor (Windsensor voor zon-windbesturing Centronic SensorControl
SC71)
• Zon-windsensoriek (Zonne-windsensor voor zon-windbesturing Centronic
SensorControl SC81)
Sensoren
Verklaringvandefuncties
Hand/Autoschuifschakelaar
In de stand „ “ van de schuifschakelaar worden uitsluitend handmatige com-
mando’s en noodsignalen uitgevoerd (b.v.: OP, STOP, NEER met een druk op de
knop en windalarm).
In de stand „ “ van de schuifschakelaar worden automatische commando’s
uitgevoerd (b.v. windalarm, ...)
Onderbrekingvanautomatischefuncties
Wanneer u handmatig beweegcommando’s (OP, STOP, NEER) geeft, dan wor-
den de automatische zonweringfuncties onderbroken. Deze activeren zich zelf
weer als de ingestelde grenswaarden worden overschreden of niet worden ge-
haald of als de schuifschakelaar van “
“ op „ “ en dan weer terug op “ “
wordt gezet.
Signaaloverschrijdingwinddrempel
Dit signaal wordt door het branden van het controlelampje weergegeven. Deze
signalering vindt plaats wanneer gedurende meer dan 5 seconden een com-
mando aan de ingangen van de groepsbesturing wordt gegeven.
Groepsbesturing
Onder een groep wordt verstaan het aansturen van meerdere motoren op het-
zelfde moment.
Bedrijfsmodus
In het display zijn de actuele wind- en/of zonwaarden te zien.