143
Kalibratiecontrole
Sluit een 3-liter injectiespuit aan op de
transducer met de meegeleverde adapter
en ledig hem door het handvat volledig in
te duwen.
Selecteer ‘Kalibratiecontrole’ uit het
hoofdmenu en selecteer daarna
‘controleer Kalibratie’.
Vul de injectiespuit door het handvat met
constante snelheid uit te trekken tot de
eindstop is bereikt en ledig de
injectiespuit onmiddellijk daarna volledig.
Probeer een flowsnelheid aan te houden
waarbij de lijn binnen de grijze banden op
het display blijft.
Selecteer 'Verwerp' om opnieuw te
proberen om een kalibratiecontrole met
de vereiste flowsnelheid uit te voeren.
Selecteer 'Herhaal' om de kalibratie-
controle te herhalen met een lage
flowsnelheid.
Selecteer 'Herhaal' om de kalibratie-
controle te herhalen met een hoge
flowsnelheid.
Wanneer de kalibratiecontrole met alle
drie flowsnelheden is uitgevoerd,
selecteert u 'Gereed' om het scherm met
het kalibratiecontrolerapport op het
scherm weer te geven.