19
Technische gegevens
Voeding Doseerspanning AC 230 V (+10% / -15%)
Doseerfrequentie 50 Hz (± 5%)
Maximale vermogensopname LMS 14, 17 VA
Klemmenbedrading (Voeding en uitgangen) Draad of snoer (gevlochten of met
draadeindmof):
1 ader: 0.5 mm
2
...2.5 mm
2
2 ader: 0.5. mm
2
..1.5 mm
2
Functionele gegevens Softwarecategorie Regelaardeel klasse A
Branderautomaat klasse C
Werking volgens EN 60730 1b (automatische werking)
Ingangen Warmwaterowswitch
Uitschakeling veiligheid
Gasdrukschakelaar
Programmeerbare ingang
Ruimtethermostaat 1 en 2
RAC 26 V
bij 10 mA
Sensoringang buitensensor
Sensoringangen: keteltoevoer,
ketelretourloop, boilersensor, sensor bij
Clip-IN AGU 2500, 2514
NTC1k (QAC34)
NTC10k (QAZ36, QAD36)
Zulässige Fühlerleitungen (Cu)
Toegelaten sensorleidingen (Cu): 0.25 0.5 0.75 1.0 1.5 (mm
2
)
Bij doorsnede: 20 40 60 80 120 (m)
Uitgangen Relaisuitgangen
Bereik doseerstroom
Maximale totale stroom (alle relais)
Bereik doseerspanning
AC 0.05...1 (1) A voor brandstofklep en ext.
ontsteking 0.5 A
AC 5 A
AC (230) V (+ 10 % / - 15 %)
Interfaces BSB
Max. leidinglengte
LMU 7-randapparatuur
Max. totale leidinglengte
Minimale leidingdoorsnede
2 draadsverbinding niet verwisselbaar
200 m
400 m (Max. kabelcapaciteit: 60 nF)
0.5 mm
2
Beschermingswijze en categorie Beschermingswijze behuizing volgens
EN 60529
IPX0D
Beschermingscategorie volgens EN 60730 Delen onder lage spanning komen bij een
correcte inbouw overeen met de eisen voor
beschermingscategorie II
Verontreinigingsgraad volgens EN 60730 2
Normen, veiligheid, EVM enz. CE-conformiteit volgens
EMV-richtlijn
Laagspanningsrichtlijn
89/336/EWG
73/23/EWG
Klimaatvoorwaarden Bewaren volgens IEC721-3-1 klasse 1K3 Temp. -20…60°C
Transport volgens IEC721-3-2 klasse 2K3 Temp. -20…60°C
Werking volgens IEC721-3-3 klasse 3K3 Temp. 0...60°C (zonder bedauwing)