6
6.0 ONDERHOUD
Regelmatig onderhoud is het behoud van uw draaibank.
1. Smeer de verschillende delen (A fig. 6) van de machine iedere dag voor het
opstarten met olie. Na gebruik de draaibank goed schoonmaken, vooral het
oppervlak van de slede.
2. Pas op met zware gewichten; verschillenden delen van de draaibank, zoals de
spindel, het oppervlak van de slede, de hoofdspindel en het oppervlakte van
de bus kunnen beschadigd raken.
3. De spaanders die op alle afschuivingsvlakken vallen regelmatig verwijderen.
4. Na gebruik de spaanders verwijderen, de draaibank helemaal afvegen en
insmeren met machine-olie om roesten te voorkomen.
5. Om de draaisnelheid van de klauwplaat te wijzigen eerst de machine stoppen
en vervolgens de gewenste snelheid kiezen volgens de tabel op de machine.
6. Let erop dat tijdens gebruik geen olie in de motor of op de V-snaar valt; deze
kan hierdoor schade oplopen. Na een bepaalde tijd kan de V-snaar langer
worden; de V-snaar kan worden bijgesteld met de motorslede en de middelste
riemschijf.
7. Plaats geen gereedschap, onderdelen of andere zaken op de geleiding, dit kan
de nauwkeurigheid beïnvloeden.
8. Indien u de draairichting van de motor wilt veranderen, eerst de draaibank
stoppen.
9. In de fabriek is de spindel gesmeerd met hoogwaardig smeervet; dit garandeert
een goede werking gedurende 2000 uren. Na deze 2000 uren moet de spindel
opnieuw worden gesmeerd. Dit gaat als volgt:
- verwijder de klauwplaat aan het uiteinde van de spindel
- draai de flensschroef voor de spindel los
- verwijder de sluitring, de pakking, het tandwiel en de twee ronde moeren
bijna op het eind van de spindel
- sla met een houten hamer en een aluminium staaf op het achtereinde van de
spindel
- haal de spindel er naar voren toe uit en maak hem schoon
- opnieuw invetten
Voor het terugplaatsen van de spindel de procedure in omgekeerde volgorde
afwerken. Let op de instelling van de ruimte tussen de spindelhouder en de
twee ronde moeren.