26
6.1 GEBRUIK
Het beeld van de camera wordt weergeven
als de monitor en de camera aan staan. De
pictorgrammen op het scherm worden hier
beneden uitgelegd.
1. Signaal indicatie De signaal
indicatie geeft aan hoe sterk het signaal
is dat wordt ontvangen van de baby
unit. Één of geen streepjes wijzen op
een slecht signaal terwijl 4 streepjes
wijzen op een sterk signaal (zie tabel).
2. Camera indicatie Geeft aan welke
aangesloten camera actief is.
3. Temperatuur indicatie Geeft de
temperatuur gemeten door de baby
unit weer.
4. Slaapliedjes indicatie Geeft aan welk
slaapliedje wordt afgespeeld
5. VOX indicatie Verschijnt wanneer de
VOX mode is geactiveerd.
6. Zoom indicatie Geeft het zoom niveau
weer (1x, 2x of 3x)
7. Batterij-indicator Geeft aan hoe vol
de batterij nog is.
8. Zoom positie Geeft de positie van de
uitvergroting weer in zoom niveau 2x en 3x. Gebruik de pijl toetsen om het beeld te verplaatsen.
9. ‘Talk’-indicatie Verschijnt wanneer de Talk functie wordt ingedrukt, zolang u de knop inhoudt kunt u
met uw kind praten via de microfoon.
10. Datum en tijdsindicatie Geeft de huidige tijd en datum weer. (UU:MM AM/PM DD/MM)
6.2 BUITEN BEREIK
Wanneer de camera zich te ver van de ouder unit (monitor) bevindt dan zal de waarschuwingsboodschap
‘Connecting...’ op het beeldscherm van de monitor verschijnen.
Op het moment dat de monitor helemaal geen verbinding meer heeft met de camera dan blijft de
boodschap ‘Connecting....’ in beeld.
Signal strength Indicator Warning
Perfect Geen
Goed Geen
Redelijk Geen
Laag Buiten bereik
Geen Signaal Buiten bereik
Als de monitor in alle gevallen buiten
bereik blijft aangeven, controleer dan of de
camera aan staat en probeer opnieuw te
‘pairen’, zie hoofdstuk Pairing.
1 2 3 3 3 3 7
9
8
10
3 4 5 6