NEDERLANDS
NL - 18
2 - INSTALLATIE
2.1 - TRANSPORT VAN DE AIRCONDITIONER
plaatsvinden.
Als de airconditioner liggend verplaatst wordt dan moet u minimaal één uur
wachten voordat u de airconditioner in werking kunt stellen.
volledig afgevoerd worden, zoals beschreven wordt in paragraaf 4.2.a
WAARSCHUWING
Transport van de airconditioner op kwetsbare vloeren (bv. houten vloeren):
worden.
draaien.
2.2 -
WAARSCHUWINGEN
a. Installeer de klimaatregelaar op vlakke, stabiele oppervlakken
en op de vloer.
b. Sluit de klimaatregelaar alleen aan op stopcontacten die van
een aarding voorzien zijn.
c. Controleer of gordijnen of andere voorwerpen de
d. Controleer of tussen de klimaatregelaar en aangrenzende
wanden een minimum afstand van
20/30 cm
gehandhaafd
blijft (Afb.1).
e. Bij het in gebruik nemen van het apparaat moet altijd opgelet worden of er geen obstakels
zijn voor de aanzuiging en de uitlaat van de lucht.
f.
De airconditioner mag niet in vertrekken gebruikt worden die als wasruimte dienen.
g. Installeer de airconditioner uitsluitend in droge vertrekken.
h. De airconditioner moet niet worden geactiveerd in de aanwezigheid van gevaar-
lijke materialen, dampen of vloeistoffen worden gebracht
i.