171
Eisen aan de montageplek:
■ Vorst- en overstroombestendig
■ Goed verlucht
■ Goed toegankelijk voor montage- en
onderhoudswerken
■ Montage van een tapwaterfilter con-
form EN 13443, deel 1 onmiddellijk
na de watermeter wordt aanbevolen.
■ Voor de aansluiting van de trechter
op het afwateringssysteem de gel-
dige norm EN 12056 in acht nemen.
Opmerking
■ De aansluitleiding moet stagnatieze-
ker zijn uitgevoerd. Lekkend water
moet met vrije helling kunnen aflo-
pen.
■ Voor de installatie de buisleiding
zorgvuldig spoelen.
1. Isolatieschaal verwijderen.
2. Bij wandmontage:
■ Het vulstation kan naar keuze
met beide zijden op de wandhou-
der worden bevestigd.
■
Wandhouder A (accessoire)
aan de wand monteren.
■
Manometer-stop op vulstation B
verwijderen.
■ Vulstation op wandhouder beves-
tigen.
3. Aan de andere kant de aftapklep
monteren.
4. Vulstation met behulp van de
schroefverbindingen arrêteren en
isolatieschaal weer monteren.
5. Cartridge onder het vulstation
schroeven, indien niet reeds
gemonteerd.
Bij gebruik van 14 en 30 liter car-
touches:
■ De zeef in het vulstation is niet
nodig.
■ Zeef verwijderen, o-ring aan het
vulstation uitnemen en de car-
tridge direct op het vulstation
schroeven.
Opmerking
Indien vereist, kan het bovendeel van
de digitale capaciteitscontrole na het
losdraaien van de schroeven in 90°-
stappen worden gedraaid.
NL
Montage
5593079